Mondelinge vraag:

Mijnheer de minister,

In van de maatregelen die op de zogenaamde ‘superministerraad’ van het voorbije weekend werden aangekondigd is de mogelijkheid voor winkeliers om dieven in hun zaak zelf te kunnen beboeten. Dat zal zijn in de vorm van een schadevergoeding van allicht 181 euro.  Dit alles zonder dat politie of gerecht er aan te pas komen.  Reden: de politie zou wel wat beters te doen hebben dan achter winkeldieven aan te gaan; die moeten zich prioritair bezig houden met ‘zware recidivisten’. Onder andere Unizo reageerde al opgetogen. In de kranten wordt voortdurend gesproken over het “eindelijk zelf kunnen aanpakken van boefjes”.

Het vermijden van PV’s en al dan niet opvolging via rechtszaken is een van de speerpunten in uw beleid om zoveel mogelijk justitiële zaken te vermijden via schikkingen. Er wordt o.a. verwezen naar het “Nederlands model”, waar men ook werkt met incassoburo’s om de ‘schadevergoedingen te innen, want bedragen van 181 euro dragen ‘boefjes’ niet op zak.

U begrijpt dat daarover nogal wat vragen inzake de rechten van de (vermeende) winkeldieven en de veiligheid van de zaakvoerders van winkels kunnen rijzen alsook de uitdijende bevoegdheden van private bewakingsdiensten waarover uw collega Jambon momenteel een wetsontwerp ter stemming legt in de Kamer. Men kan zich ook de vraag stellen wie allemaal kan overgaan tot het innen van schadevergoedingen na een diefstal. Als er gestolen wordt in de winkel van de toeristische shop van een stad, mag de gemeentelijke ambtenaar dan ook 181 euro eisen bijvoorbeeld. Het zelfde geldt bijvoorbeeld bij diefstal in de kantine van een sportclub.

  • Kunt u meer duiding geven over wie allemaal onder de regeling valt en wat een winkelier al dan niet kan en mag wanneer hij een winkeldief betrapt en niet langer de politie hoeft te bellen? Wat als er geweld aan te pas komt na het eisen van de 181 euro ‘schadevergoeding’ door winkelier aan winkeldief? Moet dan alsnog de politie er niet bijgehaald?
  • Hoe worden de rechten én de veiligheid van de (vermeende) winkeldief en de eigenaar van de winkel gevrijwaard als het escaleert? Een winkelier kan niet in databanken kijken of de winkeldief al dan niet een ‘zware recidivist’ is. Wachten tot de politie het nagezonden ‘formulier’ met de minnelijke schikking tussen winkelier en recidivist ontvangt, zal recidivisten natuurlijk op hun hoede stellen. En mag de winkelier de ID-kaart vragen, want anders kan de winkeldief gewoon een identiteit verzinnen.
  • Kunnen –in het licht van de wijzigende wetgeving- ook private veiligheidsdiensten worden ingeschakeld voor het innen van de ‘schadevergoeding’?

Antwoord minister Geens:

Mijn collega Borsus heeft een voorstel gedaan om voor bepaalde vormen van winkeldiefstal een snelle minnelijke regeling toe te passen. Het voorstel heeft nog niet het voorwerp uitgemaakt van een formeel overleg met de politiediensten en het openbaar ministerie. Het is pas na afloop van die besprekingen dat concrete voorwaarden van een dergelijk systeem duidelijk zullen worden.In Nederland bestaat het project Afrekenen met winkeldieven al enkele jaren.

Les vols à l'étalage avec violence et effraction commis en bande seront donc exclus du dispositif. Celui-ci selimitera au simple vol à l'étalage. Il conviendra d'informer la police et la justice des règlements proposés etce, dans le but de maintenir le contrôle judiciaire.Je tiens à souligner que le suspect peut toujours refuser une transaction et que nous travaillons sur la basedu consentement mutuel.

Ik wijs u erop dat een dergelijke werkwijze niet uniek is in de Belgische rechtspraktijk. Zo worden de meeste verkeersongevallen met louter stoffelijke schade in der minne geregeld, terwijl dat ook misdrijven zijn.De engagementen die in het regeerakkoord zijn opgenomen, ook met betrekking tot de kamers voor snelrecht, worden niet beïnvloed door het voorstel van collega Borsus. Het is trouwens aan de rechterlijke macht om de kamers voor snelrecht in te richten. De wetgever laat dat al toe.In het kader van de mondelinge vraag kan ik hierover geen cijfers meegeven, daar zij niet voorhanden zijn