In een parlementair debat over de vraag of de Europese Unie in de toekomst over eigen financiële middelen zou moeten beschikken, toonde de NVA een behoorlijke dosis euroscepticisme en fundamentalisme. De NVA pleitte voor een terugkeer naar een zuiver intergouvernementeel Europa. sp.a-Senator Frank Vandenbroucke en Kamerlid Dirk Van der Maelen zijn ontzet: "De Ware Finnen zijn bij ons. Dat is interessant - maar wel slecht nieuws voor een regio die supranationale Europese samenwerking hard nodig heeft".

 

Deze voormiddag beraadslaagden de Kamercommissie voor Begroting en Financiën en de Senaatscommissie voor Economie en Financiën samen over de vraag of de Europese Unie in de toekomst over eigen financiële middelen zou moeten beschikken. Dirk Van der Maelen en Frank Vandenbroucke zetten daarin de visie van sp.a uiteen. Zij menen dat het vanuit een democratisch standpunt goed zou zijn dat de Europese Unie geresponsabiliseerd wordt om zèlf voor inkomsten te zorgen, eerder dan de lidstaten om een bijdrage te vragen. Dit zou niet alleen democratisch correct zijn, het zou ook minder dan vandaag leiden tot de heilloze discussie over de "juste retour", waar het huidige bijdragesysteem voortdurend aanleiding toe geeft. Dat "juste retour"-debat (denk aan het motto "we want our money back" van de Britten) heeft er voor gezorgd dat het huidige stelsel allesbehalve doorzichtig is, en geen voorbeeld van een doordacht en helder evenwicht tussen "verantwoordelijkheid" en "solidariteit". Indien de Europese Unie eigen middelen zou verzamelen, dan ontstaat bovendien ook de mogelijkheid om vormen van belasting te ontwikkelen die je enkel op dit grensoverschrijdende, internationale niveau kan heffen; een financiële transactietaks is een voorbeeld daarvan.

Voor alle duidelijkheid: dit is geen debat over belastingverhoging. Van der Maelen en Vandenbroucke maakten het bijzonder duidelijk dat een eventuele Europese fiscaliteit moet toelaten dat de nationale bijdragen aan de Europese begroting evenredig verminderen, en dat de belastingdruk in eigen land dan overeenkomstig moet dalen. Een verhoging van de belastingdruk kan niet de bedoeling zijn van Europese fiscale autonomie (net zoals het niet de bedoeling kan zijn van Vlaamse fiscale autonomie om de belastingen te verhogen).

Bij monde van Volksvertegenwoordiger Steven Vandeput maakte de NVA-fractie duidelijk dat ze absoluut en ten gronde gekant is tegen eigen middelen voor de Europese Unie. Volgens de NVA is de praktijk van het Verdrag van Lissabon onvoldoende democratisch om de EU toe te laten eigen belastingen te heffen. De NVA pleit daarom voor een dotatie-systeem waar de EU de middelen uit moet putten. Op de vraag in welke zin het Verdrag dan herzien zou moeten worden om de EU toe te laten eigen middelen te heffen - de huidige situatie is immers volstrekt ondoorzichtig en inefficiënt - antwoordde de NVA dat zij pleiten voor een confederaal Europa waarin de macht bij soevereine staten ligt, en dat de EU hoe dan ook te ver van de burgers verwijderd is om ooit belastingbevoegdheid te kunnen krijgen. Dit gaat met andere woorden om een terugkeer naar een zuiver intergouvernementele opvatting over Europa, met een behoorlijke dosis euroscepticisme. Vandeput inspireerde zijn analyse uitdrukkelijk en instemmend op de recente uitspraken van het Duitse Grondwettelijke Hof, waarvan men weet dat het Mevr. Merkel dwingt om in Europa op alle vlakken op de rem te staan.

Vandenbroucke en Van der Maelen stelden daarop dat dit standpunt zowel een enorme stap achteruit in de geschiedenis betekent, als uitermate naïef is. Gelooft de NVA dat de belangen van Vlaanderen beter gediend zullen worden in een bond van soevereine staten? Zij stelden ook dat de visie van de NVA getuigt van een zeker fundamentalisme: natuurlijk is de EU democratisch niet perfect; in een wereld waarin soevereiniteit meer en meer gedeeld zal worden (de idee van de soevereine natiestaten is echt wel 19de eeuws) zal geen enkele politieke entiteit qua democratische architectuur een schoonheidswedstrijd winnen. Dat geldt voor de EU, het geldt ook voor het toekomstige België en zijn deelstaten. Wie een bestuursniveau de mogelijkheid ontzegt om effectiever te besturen en daarin te groeien, omdat de politieke structuur ervan niet perfect is (omdat het bv. moeilijk is om een ééngemaakt democratisch forum, dat als zodanig door alle burgers beleefd wordt, tot stand te brengen), die beslist eigenlijk dat geen enkel bestuursniveau buiten het Vlaamse nog een dynamische toekomst mag hebben. Dat soort van fundamentalisme leidt naar nergens in de wereld van de 21ste eeuw.

Het debat was bijzonder verhelderend, omdat voor het eerst een breuk tot stand komt in de benadering van Europa binnen de groep van democratische Vlaamse partijen, waarbij één partij (in casu de NVA) duidelijk kiest voor een "bond van soevereine staten". Dat nationalisme en Europese vooruitgang niet samengaan, is daarmee opnieuw aangetoond. "De Ware Finnen zijn bij ons, dat is interessant - maar wel slecht nieuws voor een regio die supranationale Europese samenwerking hard nodig heeft", zo besloten Vandenbroucke en Van der Maelen het debat.