In geen enkel OESO-land zijn er zo weinig fiscale controleurs die grote bedrijven en multinationals controleren als in België. Dat zegt Kamerlid Peter Vanvelthoven op basis van cijfers van het OESO-rapport.

Vanvelthoven vindt dat de focus bij de fiscus verkeerd ligt. Die moet minder op loontrekkers en kleine ondernemingen liggen en meer op multinationals. Ons land mag dan wel veel fiscale ambtenaren tellen, de dienst die zich bezighoudt met de controle op grote bedrijven is dun bezaaid. Nergens is het aantal controleurs toegewezen aan het controleren van grote ondernemingen lager dan in België (55). Zelfs in Griekenland zijn het er bijna dubbel zoveel (105), aldus Van Velthoven.
"Maar nog opvallender, in België moet elke controleur gemiddeld 327 grote ondernemingen opvolgen. Het gemiddelde voor de andere OESO-landen is 30. In 10 OESO-landen is dat aantal minder dan 10. In Nederland zijn het er slechts drie per controleur."
Daarom pleit Peter Vanvelthoven voor een andere aanpak bij de fiscus. "De focus van de fiscus is verkeerd. Die zou beter liggen op multinationals en minder op loontrekkers en kleine ondernemingen. En dat is een politieke keuze”, besluit hij.