(donderdag 24 september 2015) In het jaar 2000 barstte in New York een luid applaus los toen de Millenniumdoelstellingen werden goedgekeurd. 15 jaar later is dat applaus langzaamaan uitgedoofd. Op een aantal doelstellingen boekten we een mooie vooruitgang, anderen zijn vandaag een grotere uitdaging dan ooit. Maar de grootste verdienste van de Millenniumdoelstellingen is dat ze erin geslaagd zijn publiek en politiek achter één simpel idee te scharen: armoede moet de wereld uit tegen eind 2015. 

 

We staan op een paar maanden van de deadline en moeten vaststellen dat dat niet is gelukt. Vooral de ongelijke vooruitgang in de Sub-Sahara in Afrika en West-Azië is stuitend.

Dit weekend proberen onze regeringsleiders dit momentum nieuw leven in te blazen. Ze zullen in New York beslissen over een nieuwe agenda voor duurzame ontwikkeling. De ‘Sustainable Development Goals’ zijn 17 nieuwe doelen die een antwoord moeten bieden op de grote globale uitdagingen van vandaag.

We hebben geleerd uit het verleden en daarom is de nieuwe ontwikkelingsagenda veel breder: duurzame ontwikkeling vervangt armoedebestrijding als centrale doelstelling. Armoede de wereld uit helpen zal immers niet lukken zonder vrede en duurzame economische groei en zal weinig zin hebben als we onze planeet laten verloederen.

We juichen vooral toe dat het hier een globale agenda betreft waarin komaf wordt gemaakt met de aloude visie op ontwikkeling waarbij de problemen en de verantwoordelijkheid enkel bij de ontwikkelingslanden worden gelegd en de rijke landen een vrijwillige ondersteunde rol kregen. De grootste uitdagingen van vandaag zoals klimaatverandering, de economische crisis, de vluchtelingencrisis en de beperkte beschikbaarheid van grondstoffen kennen immers geen grenzen. Ook wij in Vlaanderen, België en Europa zullen onze verantwoordelijkheid moeten nemen.

Door haar alomvattende en universele aanpak is de nieuwe ontwikkelingsagenda alvast een pak ambitieuzer dan haar voorganger. Maar ze is ook vaag en vrijblijvend. Sommige doelstellingen laten momenteel nog aan meetbaarheid te wensen over waardoor overheden moeilijker op hun gebrek aan inspanningen kunnen gewezen worden.

Meer ambitie vraagt bovendien ook om meer middelen. Nog voor de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van start gaan, kenden ze al een valse start. Op de recente top in Addis Abeba kwamen er geen duidelijke engagementen voor ontwikkelingsfinanciering uit de bus. Opnieuw werd het reeds 45 jaar oude engagement van de 0,7% besteding van het BNP aan ontwikkelingssamenwerking op de lange baan geschoven.

Evenmin worden er stappen gezet om de spelregels van het internationale economisch en financieel systeem om te gooien zodat die meewerken voor meer gelijkheid in plaats van de ongelijkheid te versterken. Er is nog steeds geen sprake van concrete standaarden die garanderen dat ook bedrijven daadwerkelijk bijdragen aan de strijd voor duurzame ontwikkeling.

Er is nog veel werk aan de winkel. Er zullen fundamentele veranderingen nodig zijn van de internationale economische en fiscale spelregels, maar ook beleidsbeslissingen op domeinen zoals landbouw en energie zullen rekening moeten houden met hun impact op duurzame ontwikkeling. En daar zal durf voor nodig zijn en echt engagement om de shift naar wereldwijde duurzame ontwikkeling waar te maken. Laat ons het applaus dat dit weekend opnieuw zal losbarsten in New York verdienen en samen aan de slag gaan met concrete acties in Vlaanderen, België en Europa om de shift naar wereldwijde duurzame ontwikkeling waar te maken.

Fatma Pehlivan & Tine Soens
Kamerlid en Vlaams volksvertegenwoordiger voor sp.a