“Er komen te weinig subsidies van de Vlaamse overheid naar de kust”, zegt Bredens burgemeester Steve Vandenberghe, vanaf januari voorzitter van het kustburgemeestersoverleg. Minister Weyts weerlegt

De kustburgemeesters wezen zopas Steve Vandenberghe (SP.A) aan als hun nieuwe voorzitter. “We komen driemaandelijks bijeen en nemen standpunten in over toerisme, economie, maar ook over redders of afval”, zegt de Bredense burgervader.

Hij is van plan zijn mandaat vanaf 1 januari pittig te kruiden en op te komen voor de lokale belangen. “De kust is de toeristische topbestemming van Vlaanderen, maar wordt stiefmoederlijk behandeld als het gaat om subsidies. Tussen 2012 en 2014 waren er jaarlijks 2,2 miljoen euro subsidies voor allerhande projecten in de tien kustgemeenten. Na 2015 viel dat stil en is er enkel nog geld voor de kunststeden. Er kwam, met uitzondering van 1,8 miljoen euro voor het Ensorhuis in Oostende, geen enkele subsidie naar de kust. De criteria zijn zo opgesteld dat de kustgemeenten uit de boot vallen”, zegt Vandenberghe. “De minister schat het belang van de kust volledig verkeerd in want de regio is toch een belangrijke toeristisch-economische sector.”

De kersverse voorzitter verwacht dat hij in het verkiezingsjaar zijn negen collega's wel op een lijn krijgt. “Ze komen elk op voor hun eigen gemeente en dat hoort ook zo, maar er zijn ook gemeenschappelijke belangen zoals bijvoorbeeld de realisatie van de driejaarlijkse expo Beaufort. Dat was op sterven na dood, maar als de kustburgemeester samen hun schouders onder iets zetten dan beweegt er wat. Dat moet ook kunnen met de subsidieregeling.”