Het nieuwe jaar is aangebroken, mijn nieuwjaarsbrief geschreven. Wat heb ik gedaan afgelopen parlementair jaar en waar maak ik prioriteit van dit jaar? 

Het parlementair jaar begon met de besparingen bij de NMBS. Weg met de mensen, hier zijn de automaten. Ook al staan deze automaten netjes, ze verlenen de reiziger geen uitleg en zit de zon erop, dan is het scherm onleesbaar. Bovendien gebeuren pannes vaker dan men denkt. Het mooie aan werkgever zijn, is de samenwerking met mensen. Wanneer mensen na de winst komen, dan moeten wij als socialisten aan de bel trekken. Daarbovenop moet er vanaf januari 2015 zeven euro meer betaald worden als je je ticketje op de trein koopt. O wee de laatkomers…

En dan de witte kassa in de horeca! Geen cadeau om te installeren en te handhaven voor uitbaters en personeel van de horecazaak. Daarom gingen we in de Kamer voor begeleiding van de implementatie ervan en bijkomende hulpmaatregelen. De authenticiteit van de horecasector moet benaderd worden op een gepaste manier. Maar zwart werk en fraude kan niet. De kassa is er niet als controlemiddel maar moet de werknemers beschermen zodanig men hen niet kan uitbuiten. Laat de regering het daarover eens zijn. Want zij verdienen hun kansen, net zoals ondernemers dat verdienen.

En ook iets: veel faillissementen zijn te wijten aan een moeilijk economisch veranderend klimaat. Daarom wil ik pleiten voor een sterk tweede kansbeleid. Een zwarte lijst zoals die nu bestaat is absoluut niet bevorderend en ook de Wet Continuïteit Ondernemingen heeft niet de gewenste effecten. Een hervorming dringt zich op.

Langere openingsuren zullen ook niet het gewenste effect hebben. Open VLD wil de handelszaken tot 22u open houden. Ja, ten koste van het personeel en op kosten van de werkgevers en dat zonder bijkomende verkoop. Ik geloof steevast dat dit voor het personeel tot onhoudbare situaties zal leiden. Het lijkt mij niet dat de verkoop zal stijgen, ze zal enkel meer gespreid lopen.

En trouwens, die consumenten zijn bezig met hun verzekeringen te regelen, want de premies gingen dit jaar omhoog. Een indexsprong voor de lonen, maar voor de kosten van het leven, is dat niet het geval. Het leven wordt duurder, de lonen stabiliseren en de koopkracht van de gezinnen staat onder druk.

Maar er is ook goed nieuws! Mijn wetsvoorstel heeft gehoor gekregen. Daarin wordt een oplossing voorzien voor de discriminatie tot studentondernemer en jobstudent. De sociale bijdrage van een studentondernemer moet gelijk geschakeld worden. Wat tot heden niet het geval is. Als ondernemen in je bloed zit en als je een goed idee hebt, waarom dan wachten op een diploma? We moeten jongeren met een voorstel de kans geven om hun idee om te zetten in de praktijk, wel onder begeleiding. En minister Borsus, die heeft geluisterd, en het werd opgenomen in zijn beleidsnota. Maar zoals altijd bij minister Borsus: eerst zien, dan geloven.  

En voor wie niet kan zien, is betalen met bancontact moeilijk. Ik lanceerde in het najaar het idee om te werken met aangepaste betaalterminals, waar een optie is om het bedrag luidop te horen. Minister Peeters was geïnteresseerd, maar gaf het nog geen gehoor.

Wat doen we dit jaar in De Kamer?

Begin vorig jaar kondigde minister van Middenstand, Zelfstandigen en KMO’s Willy Borsus een heus KMO-plan aan. Maar liefst 40 acties stelt hij voor om het ondernemen makkelijker en aangenamer te maken. Als partij staan we achter dit plan, die zich vooral richt op kleinere ondernemingen waar activiteit niet zo vanzelfsprekend is. Een groep die vaak vergeten wordt. Een jaar later moeten we helaas opmerken dat weinig veranderd is. Het sociaal statuut voor zelfstandigen krijgt vorm en de bijdragen zijn verschoven door de taxshift, klopt. Maar de taxshift waarvoor werd geopteerd is niet de onze. De financiering ervan is nefast, voor zowel de modale werknemer als de kleine zelfstandige, die in wezen niet veel van elkaar verschillen. Buiten de ‘happy few’ betaalt iedereen mee op het einde van de rit. Grote multinationals blijven buiten schot, zo blijkt nu ook uit onderzoek van de EU. Wij willen eindelijk het schot tussen de Belgische ondernemer en de grote internationale spelers verkleinen. Onze economie kan dit aan, snakt er zelfs naar.

De ondernemer in ons land bevindt zich in een administratief doolhof, starters vinden moeilijk geld om iets te beginnen en het wetsontwerp rond het statuut student-ondernemer laat op zich wachten. De faillissementsverzekering is uitgebreid, maar er is nog steeds geen degelijk “tweede kans”-beleid en er is nog steeds geen hervorming in het pensioenstelsel van de zelfstandigen. Bovendien zitten we in een digitaal tijdperk waar e-commerce een snelle opgang maakt. We moeten daarmee kunnen omgaan op een positief coöperatieve manier.

Wij willen de sociale draagbaarheid bij het ondernemen vergroten. Heel wat zelfstandigen kunnen op het einde van de maand de eindjes moeilijk aan elkaar knopen. In het parlement willen we blijven hameren bij minister Borsus om zijn voorstellen gevolg te geven en een zo uitgebreid mogelijk sociaal statuut te verwezenlijken. En geen actieplan in een actieplan opnemen wat het geval is bij ondernemerschap voor vrouwen. Vrouwen zijn nog steeds sterk ondervertegenwoordigd in het ondernemerslandschap. Onze bedrijven hebben er nochtans nood aan. Samen met Guler in het Vlaams parlement wil ik blijven wijzen op de verantwoordelijkheid van de huidige regeringen.