Vandaag start het Vlaams Parlement met hoorzittingen over de intentie van minister Liesbeth Homans (N-VA) om alle Vlaamse OCMW's vanaf 2019 te integreren in de gemeentebesturen. "Onder het mom van efficiëntiewinsten veegt Homans met één pennentrek het sluitstuk van onze sociale zekerheid van tafel”, zegt Ingrid Lieten. “Dat gebeurt zonder evaluatie, zonder overleg en zonder visie.”

“OCMW’s zijn anno 2015 veel meer dan enkel sociale dienstverlening aan de meest kwetsbare groep”, aldus Kurt De Loor. “Het gaat ook over diensten die ons allemaal aanbelangen: rusthuizen, thuiszorgdiensten en kinderopvang. Homans wil het lokaal sociaal beleid reduceren tot een bankautomaat waar mensen hun leefloon kunnen krijgen en daarmee is de kous af. Een sterk sociaal beleid is voor ons een beleid van de wieg tot het rusthuis, op maat van de mensen.”

OCMW’s afschaffen om die dienstverlening te privatiseren zou volgens Lieten nefast zijn. "In onze alternatieve conceptnota vertrekken wij van de noden van de mensen, en niet vanuit bureaucratie, structuren en postjes. Wij gaan voor een integrale aanpak op maat van de mensen, van de wieg tot het rusthuis."

Tien criteria zijn het uitgangspunt van het debat:

  1. Een sociaal grondrecht, een individueel én afdwingbaar recht op maatschappelijke hulp. We mogen niet evolueren naar een individueel schuldmodel.

  2. Een universeel recht. Het recht op maatschappelijke hulp geldt voor álle burgers - niet alleen behoeftigen of armen - en kan niet afhangen van eigen inzichten van de gemeente waar iemand woont.

  3. In naam van de gemeenschap. Het welzijnslandschap mag geen monopolie worden van de non-profitsector. Het publieke karakter staat garant voor een open pluralisme, met eerbied voor de ideologische, filosofische of godsdienstige overtuiging van eenieder en het onvoorwaardelijke recht op privacy.

  4. Actor én regisseur. Lokale besturen regisseren en coördineren om een integraal aanbod van diensten te garanderen. Tegelijk moeten ze ook blijven inzetten op hun rol als actor.

  5. Nabij, toegankelijk en laagdrempelig. Nabijheid is essentieel voor de uitbouw van een toegankelijke dienstverlening. De grootte van een gemeente, bestuurskracht, sociologische achtergrond, ligging, geschiedenis maken dat sociaal beleid gevoerd wordt vanuit verschillende noden, verschillende uitdagingen en aangepast wordt aan de lokale realiteit.

  6. Generalistische aanpak. Een sociale dienstverlening op maat is niet enkel van financiële aard. Het kan ook van materiële, sociale, geneeskundige, sociaal-geneeskundige of psychologische aard zijn. Die brede taak is essentieel.

  7. Sluitstuk van onze sociale zekerheid. Het recht op maatschappelijke dienstverlening is een individueel grondrecht.

  8. Bottom-up sociaal beleid. Een sterk lokaal sociaal beleid pikt signalen op van het terrein, van onderuit. Dat betekent dat lokaal sociaal beleid niet alleen verzorgt, maar ook preventief te werk gaat.

  9. Open-end financiering voor een sterk onafhankelijk sociaal beleid. De financiering van individuele hulpverlening mag nooit afhankelijk zijn van een al dan niet toereikend politiek onderhandeld budget. Zo’n enveloppe-financiering staat haaks op de absolute garantie op maatschappelijke hulpverlening.

  10. Geen verkapt bezuinigingsverhaal waardoor sociale dienstverlening, zorg en grondrechten worden afgebouwd. Doelmatiger werken? Uiteraard, maar de middelen die we winnen moeten door lokale besturen zelf ingezet worden én moeten altijd de versterking van het lokale sociale beleid dienen.

Voor Lieten en De Loor is het duidelijk: “sp.a stapt niet mee in Homans haar verhaal van sociale afbraak. Een lokaal sociaal beleid moet je voeren op basis van noden van mensen en niet op basis van bureaucratische structuren. Met onze tekst bieden we Vlaanderen een alternatief aan. Geen botte bijlen, maar een integraal, breed sociaal beleid op basis van duidelijke criteria en streefdoelen. Sociale hulp- en dienstverlening is immers te belangrijk om over te laten aan de vrije markt of te slachtofferen aan de dada’s van deze of gene minister.”

Lees hier de volledige conceptnota Sociaal Beleid