Ondanks de belofte in september 2016 dat het onderhoud van de begraafplaatsen in Erpe. Erondegem en Aaigem zou aangepakt worden, blijft het klachten regenen, zegt sp.a-gemeenteraadslid Anja Vanrobaeys. Mensen schrikken zich rot over het welig tierend onkruid als ze hun overleden dierbaren een bezoekje brengen.

In september na het slecht rapport van het Nieuwsblad, werd me nochtans verbetering beloofd. Een reorganisatie van de groendienst ging ervoor zorgen dat alle begraafplaatsen er picco bello zouden bijliggen. Een externe firma zou dit voorjaar het verbod op pesticiden opvangen door een vergroening van enkele begraafplaatsen. Om de heraanleg van die begraafplaatsen zonder misverstanden te laten verlopen, gingen de nabestaanden in november 2016 hierover geïnformeerd worden.

Maar een vergroening staat voor mij niet gelijk aan de verwildering van alleen onkruid, zoals het er nu bij ligt. Een geslaagde vergroening vergt een weloverdacht plan en onderhoud. Zo een plan ontbreekt blijkbaar nog altijd. Begin juni werd na een klacht het onkruid gemaaid in Erondegem. In plaats van alle begraafplaatsen na te kijken, woekert het onkruid in Aaigem vandaag nog steeds tussen de grafzerken. Schaamteloos en respectloos, vindt Anja Vanrobaeys want de gemeente is verantwoordelijk voor het onderhoud van begraafplaatsen. Erpe-Mere draagt die verantwoordelijkheid blijkbaar on-demand, oftewel alleen na klachten. Onvoorstelbaar dat we hier naast de belastingen die we betalen, elke keer moeten bellen of mailen voor dienstverlening waartoe de gemeente wettelijk verplicht is. Bovendien wordt van de nabestaanden verwacht dat zij de graven onderhouden en onkruidvrij houden, terwijl de gemeente zelf in gebreke blijft.

 Ook bij die reorganisatie stel ik me de nodige vragen, besluit ze. Het is niet de eerste keer dat ik bij een budgetbespreking aangeef dat besparen op personeel zijn grenzen heeft en niet volledig kan worden opgevangen door reorganisaties. Hetzelfde geldt voor de besparingen die de Vlaamse regering oplegt aan sociale tewerkstellingsplaatsen, zoals de externe firma die instaat voor de vergroening er één is. Uiteraard moet elke keer grondig worden nagedacht over publieke middelen, maar dergelijke kortetermijnbeleid stelt cijferfetisjisme boven mensen. In ieder geval vraag ik een stand van zaken op de volgende gemeenteraad, zodat iedereen opnieuw rustig een bezoekje kunnen brengen aan de laatste rustplaats van hun dierbaren.