Op verschillende niveaus is er al geruime tijd een hervorming en herschikking aan de gang van de FOD Buitenlandse Zaken. Een volgende hervormingsronde van de Directie-Generaal Ontwikkelingssamenwerking (DGD) en de Belgische Technische Coöperatie (BTC) zou gepland zijn tegen eind 2015. Momenteel heerst er echter nog grote onduidelijkheid over de concrete invulling. Fatma Pehlivan, sp.a Kamerlid en lid van de commissie Buitenlandse Zaken, vroeg daarom in een mondelinge vraag aan minister De Croo om zo snel mogelijk duidelijkheid te verschaffen en het parlement te betrekken bij de hervorming.  

De nota ‘Waar we staan, waar we heen willen. Het hervormingsproces op BZ’ van het Directiecomité doet de indruk ontstaan dat gestreefd wordt naar de integratie van de ontwikkelingssamenwerking in het buitenlands beleid. Dit vanuit het perspectief van optimalisatie en modernisering de FOD.

“Op zich is hier iets voor te zeggen”, aldus Fatma Pehlivan.In tijden van besparingen moeten we meer dan ooit de krachten bundelen, efficiëntiewinsten nastreven en de structuur stroomlijnen. Er bereiken mij echter heel wat ongeruste signalen, die tevens de bedenkingen van mijn partij zijn. In de eerste plaats over de eigenheid van de beleidsmatige en strategische rol en taken van DGD die door de integratie dreigt verloren te gaan. Die eigenheid staat reeds enkele jaren onder druk door de dramatische evolutie van de personeelsmiddelen door besparingen. Er wordt gevreesd dat een integratie dit verder zal versterken. Anderzijds is een strategische reflectie ingezet mbt de toekomstige rol en structuur van BTC, die uiteraard gelinkt is aan de hervorming van de FOD en DGD.”

“Daarnaast is er vrees voor een mogelijke privatisering van essentiële diensten uitgevoerd door DGD en tot slot voor een dreigende instrumentalisatie van Ontwikkelingssamenwerking ten behoeve van Belgische (economische) belangen. Over dit laatste punt is het sp.a-standpunt duidelijk. We willen een meer coherent beleid voor duurzame ontwikkeling, waarbij alle beleidsdomeinen een ontwikkelingsreflex inbouwen. We moeten er echter voor zorgen dat de ontwikkelingsdoelen daarbij niet ondergeschikt worden gemaakt aan andere politieke of economische belangen. De minister van Ontwikkelingssamenwerking ziet toe op dit engagement. Het ontwikkelingsbeleid blijft daarbij wel een autonoom beleid met een autonoom budget. Om dit te garanderen moet hulp ongebonden zijn.”

De hervorming zou gepland zijn tegen eind 2015. “Wat mij sterk verbaast, zegt Fatma Pehlivan, is dat wij hier in het parlement nog geen ernstig en gedegen debat over hebben gehad. Men zou toch mogen verwachten dat wij over dergelijke belangrijke hervorming van gedachten kunnen wisselen, zowel met elkaar en als met de betrokken diensten. Ik pleit er daarom voor om dit met de start van het nieuwe parlementaire werkjaar zo snel mogelijk te organiseren.”