Minister Kris Peeters begrijpt niet waarom de inflatie in België zo hoog is. Hij laat er een onderzoek naar uitvoeren. “Maar bij dat onderzoek houdt hij best ook rekening met de akkoorden die hij zelf met bepaalde sectoren sluit', zegt Peter Vanvelthoven. Vanvelthoven heeft het dan o.a. over het akkoord dat Peeters in maart sloot met de petroleumfederatie.

“Sinds 2006 zijn er maximumprijzen voor benzine, diesel en stookolie en ook maximummarges voor de distributie ervan”, legt Vanvelthoven uit. “De distributiemarges worden elke zes maanden volgens een vaste formule herrekend op basis van de uurlonen in de sector, de industriële productieprijs-index, de verkoopprijs van brandstof en een intrestvoet. In maart 2016 hadden volgens die formule de distributiemarges en dus ook de prijzen aan de pomp moeten dalen. De regering sloot echter in alle stilte een overeenkomst met de sector waardoor de marges bevroren werden. Hierdoor betalen gezinnen, alleenstaanden en zelfstandigen op jaarbasis 40 miljoen euro te veel voor diesel, benzine en stookolie.”

Dit akkoord kwam er na de kilometerheffing, en was bedoeld om de sector te compenseren. “De kosten liggen voor de sector echter lager dan 10 miljoen euro op jaarbasis. Het is dus duidelijk dat de regering plat op de buik gaat voor de belangen van de sector en hierbij de impact van haar keuzes op het gezinsbudget uit het oog verliest.”

“De reden waarom de inflatie bij ons duidelijk hoger ligt dan in onze buurlanden is dan ook te vinden bij de keuzes van deze regering. De diensten die de opdracht kregen de prijsstijgingen diepgaand te onderzoeken houden dus best rekening met dit soort van overeenkomsten tussen regering en sector', besluit Peter Vanvelthoven.