"Minister van Financiën Johan Van Overtveldt heeft in zijn begroting de zaken flink onderschat", zeggen Kitir en Temmerman. "De raming van de inkomsten en uitgaven is andermaal een tegenvaller voor de minister van Financiën En niet zomaar een beetje: het Monitoringcomité voorspelt een verslechtering van 1,3 miljard euro ten opzichte van de begrotingscontrole van 2016."




Topje van de ijsberg




"Wie naar de ramingen van het Planbureau kijkt, ziet immers dat ons de komende jaren nog veel meer te wachten staat. Om een begroting in structureel evenwicht te hebben in 2018 moet de regering dan op zoek naar 8 miljard euro", gaan ze verder.

"De minister zoekt telkens weer een externe oorzaak voor de tegenvallende ontvangsten. Hij en zijn partij zijn niet te beroerd om in dezelfde week de sociale zekerheid en de langdurig zieken aan te vallen voor een vermeend tekort maar een echt tekort in de ontvangsten keer op keer te minimaliseren", besluit Kitir. Temmerman voegt eraan toe dat Van Overtveldts ramingen ‘ronduit onrealistisch’ zijn.'





Dit artikel werd gebaseerd op een artikel dat verscheen in DS (19/7)