Er is een dispuut ontstaat tussen de reders en de Vlaamse Visveiling. Er is zelfs een bemiddelaar aangesteld, blijkt uit de beleidsbrief van Vlaams minister van Visserij, Joke Schauvliege. Sp.a-volksvertegenwoordiger Steve Vandenberghe wil de minister daar dringend over interpelleren.

In september werden de regels verstrengd rond de traceerbaarheid en voedselveiligheid. Daarbovenop vissen door een quotaverandering veel meer Belgische reders in de noordelijke Noordzee, waardoor ze plots ook dichter bij de Nederlandse veilingen zitten. "Een derde van de vloot gaat nu aanlanden in Nederland en nog een derde dreigt dezelfde beweging te maken", aldus Vandenberghe. Om het dispuut hierover op te lossen is er een bemiddelingspersoon aangesteld: Frans Coussement van de provinciale diens t Visserij, maar het is niet bekend wanneer hij aan de slag gaat.

Vandenberghe wil de minister interpelleren maar dat kan pas na het winterreces. "Dat is natuurlijk veel te laat. Er landt minder vis aan in Oostende en in Zeebrugge. Dat is uiteraard nefast voor de afnamebedrijven. Het is vijf voor twaalf. We krijgen al het bericht van een bedrijf dat zich zal richten op de Nederlandse visveilingen en niet verder wil investeren in België", aldus de volksvertegenwoordiger.

De Vlaamse Visveiling verwijt de vissers niet trouw te zijn. "Hier zijn de vissers vrij om hun product te vermarkten waar ze willen. In Nederland is dat niet het geval: de vis moet vermarkt worden in Nederland", aldus Johan Van de Steene van de Visveiling. De bemiddelaar moet de reders ervan overtuigen om hun waar ook effectief in België te verkopen. "Ik pleit daarvoor. De reders nemen ons dat kwalijk, maar op dit moment zijn de vissers vrijbuiters die de keten afbreken. We doen ons best om Vlaamse en Europese subsidies binnen te halen, onder meer om hun schepen duurzamer te maken en te renoveren, maar als de toegevoegde waarde, namelijk de verkoop van de vis in onze veiling, niet terugkomt naar Vlaanderen, dan loopt het scheef."

Vorig jaar landde er 19.500 ton vis aan in de Vlaamse Visveiling. Dat was toen een daling van 3,3 procent, maar de omzet steeg wel met 2,3 procent tot bijna 75 miljoen euro.