Alain Top drong er bij de minister van Binnenlandse Zaken en Veiligheid, Jan Jambon, op aan dat scholen een aanspreekpunt krijgen bij de politie, waar zij terecht kunnen als zij te maken krijgen met radicalisering. Tijdens de commissie Radicalisering van het Vlaams Parlement bleek dat slechts één derde van de Vlaamse scholen hiervoor bij de politie terecht kan. Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Homans, stelde dat zij de problematiek aan minister Jambon heeft gesignaleerd. Ook moet de federale overheid ervoor zorgen dat er een sterkere aanwezigheid is op de sociale media, onder meer met tegenverhalen. 

Minister Jambon stelde, na aandringen van Alain Top, dat de problematiek wordt aangepakt. 

Lees hieronder het volledige antwoord van minister van Binnenlandse Zaken en Veiligheid Jan Jambon:

Momenteel wordt een aantal initiatieven voorbereid om de contactpunten te systematiseren en te uniformiseren. Naar aanleiding van de vorig jaar geformuleerde vraag vanuit de onderwijskoepels werden eind november 2015 alle lokale politiezones aangeschreven met het oog op de actualisering van de lijst van de contactpunten. De bevraging van een herinnerend schrijven aan de korpschefs van de politiezones loopt eind mei 2016 af. Tot slot vermeld ik dat de maatregelen genomen met uitvoering van de eerder vermelde omzendbrief het voorwerp uitmaken van de zonale veiligheidsplannen. Bij de vernieuwing hiervan zal vanuit mijn kabinet naar aanleiding van de validatie van die plannen aandacht worden besteed aan de mate waarin afdoende oplossingen werden geboden. Die vernieuwing is nu aan de orde, want wij zullen over enkele weken het nationaal veiligheidsplan voorstellen en dan kunnen de zonale veiligheidsplannen daarop worden geënt. Op federaal niveau is het strategisch communicatieteam, het SSCAT of Syria Strategic Communications Advisory Team aan het werk. Dat team werkt campagnes uit voor de twaalf betrokken lidstaten en staat ter beschikking van de gemeenschappen die op dat vlak verantwoordelijkheden dragen. Het team wordt gesubsidieerd door de Europese overheid. Die subsidie is opnieuw verlengd en verhoogd. Het werkt samen met het Verenigd Koninkrijk, dat op dat vlak veel ervaring heeft.

Het is nu aan de gemeenschappen om een en ander uit te werken, maar de contacten zijn intussen gelegd. We willen geen universele campagne uitwerken voor heel Europa of België. We moeten zulke campagnes in de breedst mogelijke zin begrijpen.