De belbussen afschaffen? Dat is als het kind met het badwater weggooien, oordeelt de SP.A. De partij stelt voor om ze in een nieuw jasje te steken: de flexibussen.

Terwijl meer en meer belbussen geschrapt worden, doet Vlaams parlementslid Joris Vandenbroucke (SP.A) een opmerkelijk voorstel: zet kleine busjes van De Lijn in om de meer afgelegen plaatsen te bedienen, maar maak ze tegelijkertijd ook aantrekkelijker en efficiënter.

Het debat over de toekomst van De Lijn woedt volop en dan vooral op het platteland. CD&V is van oordeel dat daar maar beter alternatieve vervoersmiddelen ingezet worden, zoals autodelen, taxi's of e-bikes. Open VLD pleit voor een liberalisering.

'Maar in plaats van alles zomaar af te schaffen en anderen in te schakelen, moeten we toch minstens eerst onderzoeken of we zelf geen beter alternatief kunnen uitwerken', meent Vandenbroucke.

Daarom lanceert hij de 'flexibussen'. De buslijnen die nu rijden volgens een vaste dienstregeling maar slecht bezet zijn, kunnen voor zijn part verdwijnen. Vandenbroucke wil busjes van De Lijn sturen wanneer er vraag naar is. Die kunnen tijdens hun rit meerdere mensen oppikken. 'Die busjes kan je reserveren via app, website, sms of telefonisch. Ze pikken je op aan een halte in de buurt en kunnen je afzetten aan een meer frequent bediend knooppunt.'

Volgens hem valt een dergelijke uitgebouwde versie van de belbus perfect regionaal te organiseren, bijvoorbeeld in een gebied als de Noorderkempen. 'In Nederland loopt er al een gelijkaardig experiment in Texel. Slechts vier procent van de ritten gebeurt maar met één passagier. Bij de huidige regeling van de belbus is dat een vierde. De responstijd is er ook snel: van twintig minuten tot een uur na reservatie.'

En de kostprijs? 'Ook de inwoners van het platteland verdienen een beter openbaar vervoer. Ook zij betalen sinds begin februari de hogere tarieven', zegt Vandenbroucke.

Zijn partijgenoot Jan Bertels wijst er nog op dat bijna de helft (46 procent) van de rolstoelgebruikers voor hun verplaatsingen met De Lijn gebruikmaakt van de belbus. Een kleine minderheid (9 procent) van de geregistreerde rolstoelverplaatsingen gebeurt met het reguliere busvervoer. De rest (45 procent) zoekt zijn heil in alternatieven die in bepaalde gebieden georganiseerd worden, zoals de rolstoeltoegankelijke taxi. Dat de Mobiliteitscentrales Aangepast Vervoer (MAV) dreigen te verdwijnen, baart hem grote zorgen.