Om de vluchtelingenstroom goed op te vangen moet er dringend werk gemaakt worden van een georganiseerd spreidingsplan over de verschillende steden en gemeenten in België. Het is goed en nodig om naar een spreidingsplan in Europa te vragen, maar we moeten dit ook doortrekken naar eigen land. Enkel dan kunnen we de vluchtelingen op een gecoördineerde manier helpen en chaos en paniek vermijden.

‘We moeten ons in de eerste plaats afvragen hoe we die duizenden mensen, die op de vlucht zijn voor de oorlog, goed verdeeld en georganiseerd kunnen opvangen en verder helpen, in plaats van continue te proberen de problemen bij een ander te leggen.’  

Ik pleit voor een bindend spreidingsplan. Aan iedere stad of gemeente worden een aantal erkende vluchtelingen toegewezen. Deze mensen moeten in die gemeente wonen en worden er door OCMW- en stadsdiensten begeleid. 

‘Op die manier dragen alle steden en gemeenten bij, verloopt de opvang geordend en moet niemand het idee hebben dat men overspoeld wordt. Essentieel is dat de gemeenten instaan voor het vinden van een geschikte woonplaats. Ze kunnen zelf de onderhandelingen voeren en de huur van het leefloon afhouden.’ 

Als dit niet georganiseerd wordt, zullen we geconfronteerd worden met huisjesmelkerij, met het kraken van leegstaande panden, met onbewoonbaar verklaarde gebouwen die ingenomen worden, enzoverder. Dit mogen we niet laten gebeuren. Het is belangrijk om nu in te grijpen. Dit voor het functioneren van de steden en de gemeenten, maar vooral voor  de mensen zelf. 

Naar het persbericht van dinsdag 15 september 2015 van Johan Vande Lanotte