Duobaan 

Een stad heeft een locomotief nodig die de trein voorttrekt. Als je de locomotief weg neemt, bijvoorbeeld door hem in Brussel te parkeren in plaats van in Antwerpen te laten trekken, dan zal de trein nog wel even doorbollen. Antwerpen bolt nog wat door, omdat de projecten van het vorige college afgerond worden. De linten van uw voorgangers worden geknipt. Maar uiteindelijk komt de trein tot stilstand.

In Antwerpen is er geen locomotief. Dat merkte ook het Laatste Nieuws[1] vorige week op toen ze over ‘burgemeester De Wever’ schreef, en ik citeer: “Er viel zelfs te horen dat zijn afscheid als voorzitter de kern van de Antwerpse campagne van 2018 zou worden. Onder het motto: 'Beste Antwerpenaren, ik kies voluit voor jullie.” Einde citaat. De kern van de campagne wordt dus een burgemeester die pas na de volgende verkiezingen voluit voor deze stad zal kiezen. 

Geen invloed in Brussel: transfers van Antwerpen naar Brussel 

“Jamaar,” zo zei u in het begin van deze legislatuur, “Mijn duobaan zorgt er voor dat ik in Brussel dingen voor Antwerpen gedaan kan krijgen. U ging in Brussel hard op de tafel slaan. Ik heb niet de indruk dat ze u daar horen, burgemeester. 

Als u samen met 13 andere burgemeesters een brief moet schrijven naar minister Jambon omdat de politie overbelast is, dan vraag ik me af wat het nut van een duobaan is. Als het enige wat Antwerpen gedaan krijgt in de uitrol van een voorstadsnet twee extra treinen zijn die de NMBS ons gunt, dan zijn we ver af van uw eigen ambitieuze programma. En als de stad projecten van De Lijn moet prefinancieren - op de Herentalsebaan, op de Plantin en Moretuslei, op de Grote Steenweg of op de Groenplaats - dan weegt Antwerpen nauwelijks op het Vlaamse niveau. Laat me duidelijk zijn, wij vinden het prima dat schepen Kennis die projecten prefinancieert, anders zouden die ook niet van start kunnen gaan. Maar we hebben het vandaag wel degelijk over de begroting van Antwerpen, over het geld van de Antwerpenaren. Met dat geld financiert de stad Vlaamse projecten, zonder dat we zwart op wit de garantie hebben dat die ooit terug betaald worden. 

Het is toch godgeklaagd dat de Antwerpenaar nu de bank moet spelen voor de Vlaamse overheid. Om het te zeggen in een taal die ook uw achterban begrijpt: We hebben het hier over een serieuze Antwerpse transfer naar Vlaanderen. 

De Antwerpenaar moet ook diep in de buidel tasten voor veiligheidsbeleid dat de bevoegdheid is van de federale overheid. Wij moeten betalen voor het Snelle Respons Team, omdat er geen snelle respons is gekomen vanuit Brussel. Dat zei u zelf: Antwerpen moet het doen, omdat Brussel het niet doet. Straks betalen we ook voor de terro-honden, die eigenlijk door de federale politie moeten aangekocht worden. Dat is dan weer een transfer van Antwerpen naar België. Burgemeester, we moeten misschien overwegen om met een vrachtwagen vol Antwerps geld naar Brussel te rijden. 

Stilstand 

Deze stad staat nu stil. Letterlijk en figuurlijk. De trams staan stil, de auto’s staan stil. Ondertussen verbetert de luchtkwaliteit niet en gebeurt er op het gebied van stadsontwikkeling nauwelijks iets. Buiten enkele schandalen die ons bereiken over de Renaultsite of over gigantische torengebouwen die het zicht op de kathedraal wegnemen op de Tolhuissite. 

Nochtans beloofde u dat het gedaan zou zijn met ‘plannen’ en dat er onder uw beleid ‘geïnvesteerd én uitgevoerd’ zou worden. In werkelijkheid lopen alle projecten vertraging op. De heraanleg van de Groenplaats gebeurt niet. De heraanleg van de kaaien en van de Zuiderdokken gaan trager dan verwacht. En het Politiepaleis, het troetelproject van dit bestuur, waarvan u de linten wilde doorknippen voor de volgende verkiezingen, zal dan in elk geval niet klaar zijn. We hebben het eerder al gezegd: echt besturen is moeilijker dan aan de zijkant staan roepen. Ik waardeer het daarom ten zeerste dat schepen voor financiën Kennis afgelopen week op de commissiezitting toegaf dat het allemaal trager verloopt dan verwacht. Ik wil hem bedanken voor zijn eerlijkheid en realiteitszin. 

Die eerlijkheid zouden we ook graag zien als het gaat over de districten. U beloofde meer te zullen investeren in de districten, terwijl het omgekeerde waar is. De districten moeten nu al drie jaar méér doen met minder geld. En U schuift zelfs facturen door naar de districten. Die konden vroeger bijvoorbeeld hun tekenplannen voor ruimtelijke ordeningsprojecten - heraanleg van straten en pleinen bijvoorbeeld - door de stadsdiensten laten uitvoeren. Vandaag moeten ze een beroep doen op de privé. Dat is een extra kost voor de districten, géén extra investering in de districten. U organiseert een transfer van de districten naar het stedelijk niveau en daarna van de stad Antwerpen naar Brussel. Een meesterlijke vorm van transferpolitiek ten nadele van de Antwerpse bevolking.

 U zal allicht beweren dat Antwerpen er op vooruit gaat en dat iedereen in het buitenland dat ook kan zien, dat we de vergelijking met andere steden aankunnen, dat we in competitie kunnen gaan met andere Europese steden. Welnu er is een onverdachte bron die tweejaarlijks een benchmark maakt voor de competitiviteit en het investeringsklimaat van Europese steden. Dat is het FDI Intelligence rapport van de Financial Times, een orgaan dat u niet van linkse sympathieën kunt verdenken.

 De Antwerpse stilstand is ook in die rapporten te merken. In het rapport van 2014 bevond Antwerpen zich meermaals in de top tien, namelijk op nr 10 van de toppers met betrekking tot directe buitenlandse investeringen, en bij de middelgrote steden zelfs op nr 8 wat directe buitenlandse investeringen betreft. In de algemene ranking voor city of the future stond Antwerpen bij de middelgrote steden op nr 4. Ik herhaal: op nummer vier. Onze stad stond op nr 7 wat betreft infrastructuur en op nr 3 wat betreft bedrijfsvriendelijkheid. We deden het in dat verkiezingsjaar, waarin het huidige bestuur de grote veranderingen aankondigde, niet zo slecht. 

Maar in het volgende rapport[2] voor 2016/17 verdwijnt Antwerpen uit de meeste rankings. In de algemene top 25 van European Cities of de future komen we niet voor. Amsterdam wel (op nr 7) en zelfs Eindhoven (op nr 16). We komen nog slechts in één lijstje voor, namelijk dat met het economisch potentieel van een stad[3]. Potentieel betekent letterlijk: een aanwezig vermogen dat nog op ontwikkeling wacht. Kansen dus, die nog niet benut worden. Dat hebben we: potentieel. Maar dat wordt niet benut. Verder blinken we uit door afwezigheid in de lijsten van directe buitenlandse investeringen, infrastructuur, bedrijfsvriendelijkheid, connectiviteit of menselijke kapitaal en life style. Stilstand dus. 

Geen toekomstvisie 

Atypisch Antwerpen. Dat is de slogan die uw bestuur lanceerde. Want de stad mocht niet meer van iedereen zijn. En inderdaad, deze stad is atypisch als je haar vergelijkt met andere Europese steden. Waar elke zich respecterende stad investeert in toekomstgerichte oplossingen, plooit Antwerpen zich terug op het verleden. 

In het European Cities of the Future rapport van 2016 en 2017 zien we in de top tien rankings bijvoorbeeld veel Duitse steden. Bovenaan de top 10 van ‘grote Europese steden van de toekomst’, staan vijf Duitse steden. Op nummer 9 staat Rotterdam. Antwerpen ontbreekt in die lijst.

Grote steden investeren niet alleen in de toekomst, maar ook in hun inwoners. Dit bestuur doet het omgekeerde. Ze neemt de stad van haar inwoners af. Door de stad enkel te ontwikkelen als pretpark voor bezoekers van buiten de stad, door minder te investeren in vergroening, door zachte mobiliteit, zoals openbaar vervoer, fietsen en wandelen ondergeschikt te maken aan auto’s. Steden van de toekomst maken auto’s ondergeschikt aan mensen. Uit de derde kwartaalrapportering blijkt echter dat het autogebruik in Antwerpen opnieuw stijgt, met maar liefst tien procent voor woon-werkverkeer[4]. En dat, terwijl het aantal fietsers, voetgangers en reizigers met het openbaar vervoer daalt met respectievelijk min 6, min 3,3 en min 4,2 procent. 

In Antwerpen zien we dus de omgekeerde trend van diegene die we in succesvolle steden zien. Daar zien we investeringen in elektrificatie van het vervoer, in circulaire economie, met randstedelijke transportnetten waar in de spits elke vijf minuten een trein rijdt, zoals in Kopenhagen, en waar pendelaars hun fiets gratis de trein op mogen nemen. 

En wat doet Antwerpen? Antwerpen investeert in parkings: in het centrum, op de Scheldekaaien, op de gedempte zuiderdokken, op de Konijnenwei. Parkings voor niet-Antwerpenaren, maar geen parken voor Antwerpenaren. Ik zou het bijna vergeten. Antwerpen investeert ook in elektrische fietsen: voor de inwoners van Brasschaat.

Verder plant u investeringen in het verleden. U wil een nieuwe afvalverbradingsoven bouwen in Wilrijk, terwijl iedereen weet dat die oven daar op de verkeerde plaats staat. Bovendien bouw je geen verbrandingsovens in een woonwijk. Antwerpen heeft investeringen in de toekomst nodig, in circulaire economie. Maar zelfs dan slaagt u er in om de verkeerde keuzes te maken. U haalde de Saoedische waste-to-chemicals fabriek ERS uit de kast. Daarvan toonde sp.a aan dat het een gigantische CO2-bom zal zijn. Kiezen voor de technologie van het verleden en kiezen voor de foute technologie, is manifest niet-kiezen voor de jobs van de toekomst. 

Als de stad dan wel alle kranten haalt, dan gaat het over ideologische experimenten die geen meerwaarde opleveren en de levenskwaliteit van de Antwerpenaren niet verbeteren, maar enkel tot doel hebben om het sociale middenveld te waarschuwen dat het zich koest moet houden. Het is geen toeval dat de eerste plek in België waar daklozenopvang gecommercialiseerd wordt en in handen komt van een bewakingsfirma, Antwerpen is. Antwerpen als experimentele tuin voor commercialisering. Maar de echte sociale noden die de levenskwaliteit van de Antwerpenaar wél zouden verbeteren, worden niet aangepakt. Wanneer gaat u bijvoorbeeld eens werk maken van de huisjesmelkerij? 

Vuile stad 

Ik begrijp dat de veiligheidsmaatregelen waarmee u geconfronteerd wordt het lastig maken om te praten met mensen op straat. Dat gaat voor ons iets makkelijker. Ik vraag wel eens welke veranderingen de mensen nu hebben gezien onder uw bestuur. Het antwoord is bijna altijd hetzelfde: niet zo heel veel. Jazeker, ze zien meer politie voorbijrijden. Rijden, niet wandelen. De buurtgerichte politie is verdwenen. 

Wat de mensen ook opvalt, is dat de stad vreselijk vuil is geworden. Het percentage Antwerpenaren dat zijn of haar straat de laatste maand proper vond, is gedaald met maar liefst 10 procent. De stad kent dat probleem, want er werd een campagne gevoerd. Een campagne met kartonnen bordjes die op korte termijn op straat belanden en de stad nog vuiler maken.


 Personeelsbeleid

Tot slot wil ik een dringende oproep doen tot alle leden van het college, als werkgevers. Een stad kan maar slagkrachtig zijn dank zij haar werknemers, burgers kunnen slechts een beroep doen op de stad, als de dienstverlening optimaal is. Het menselijk kapitaal binnen onze stadsdiensten is van onschatbare waarde. Mijn voorgangster Yasmine Kerbache waarschuwde bij de bespreking van de meerjarenbegroting bij het begin van deze legislatuur al voor de gevolgen van het besparingsbeleid van deze coalitie. Meer dan 1400 voltijdse moeten afvloeien, terwijl uit de eigen berekeningen van het stadsbestuur bleek dat een besparing van 400 tot maximaal 600 banen nauwelijks haalbaar zou zijn. Vandaag zien we de gevolgen van dat beleid. Ik geef een voorbeeld. Bij de dienst stedenbouwkundige vergunningen heeft de helft van het personeel een burn out of heeft het de dienst verlaten. Deze zomer moesten, bij gebrek aan personeel, zelfs jobstudenten de stedenbouwkundige attesten op hun volledigheid controleren.

Natuurlijk is burn out geen typisch probleem voor de stadsdiensten, maar de aanpak van burn out is wel degelijk de opdracht van een goede werkgever. Alle alarmbellen zijn afgegaan, maar ik zie in deze begroting geen enkele aanwijzing dat het probleem ernstig wordt genomen. Nochtans moet de stad om haar opdracht te kunnen vervullen er in slagen om de beste mensen aan te trekken. Nu lijkt ze vooral werknemers weg te jagen. 

Conclusie

Deze begroting, collega’s, is méér van hetzelfde. Of liever, het is minder van hetzelfde. Het gaat over heel veel geld dat in stilstand wordt geïnvesteerd, in een wereld die tot het verleden behoort. Deze stad heeft een geweldig potentieel. Maar dat moet benut worden. Dat zal tijdens deze legislatuur helaas niet meer gebeuren. Als we in de toekomst terugblikken, zullen we deze legislatuur herinneren als we het Politiepaleis zien. En een verbrandingsoven in Wilrijk.



[1] (15/11/16)

[2] In de rankings voor 2016/17 zijn we van middelgrote stad naar grote (large) stad gepromoveerd. De opdelingen zijn major, large, middle and micro cities

[3] Daar staan we op de achtste plaats.

[4] auto’s van 50,1 procent naar 61% voor woon/werkverkeer en van 64,5% naar 68% voor vrije tijd – terwijl het % fietsers, voetgangers of reizigers openbaar vervoer allemaal dalen: respectievelijk 46,8% (-6%), 27,0% (-3,3%) en 28,3% (-4,2%).