Liefst 86 procent van de leerkrachten in het lager onderwijs is een vrouw, zo blijkt uit nieuwe cijfers die minister Crevits vrijgaf op vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Steve Vandenberghe (sp.a). ‘Ik heb natuurlijk niks tegen vrouwen, maar deze cijfers bewijzen nog maar eens dat er heel weinig diversiteit is in ons lerarenkorps’, zegt Vandenberghe. ‘Uit heel wat onderzoek blijkt nochtans dat een meer evenwichtige genderverhouding zowel de leerlingen als de leraars zelf ten goede zou komen. Hoog tijd dat we werk maken van een diverser lerarenkorps.’

Het is natuurlijk niet nieuw dat er meer vrouwen dan mannen voor de klas staan, maar uit de cijfers blijkt dat het onevenwicht wel heel erg groot is. In het basisonderwijs werken momenteel 65.102 leraren, van wie 8.891 mannen en 56.211 vrouwen. Meer dan 86 procent is dus vrouw. In het kleuteronderwijs bestaat het lerarenkorps zelfs bijna uitsluitend uit vrouwen. 

Deze vaststelling is niet zo onschuldig als ze op het eerste gezicht lijkt. Uit onderzoek blijkt namelijk dat het beroep van leerkracht een uitgesproken gendergevoelig beroep is. Mannelijke en vrouwelijke leerkrachten brengen weliswaar met gelijk succes dezelfde leerstof over, maar lang niet altijd dezelfde maatschappelijke en persoonlijke waarden of attitudes. Een gebrek aan diversiteit onder de leerkrachten dreigt ertoe te leiden dat gedurende de hele kleuter- en lagere schoolloopbaan onbewust steeds dezelfde leerlingen worden bevoordeeld en steeds dezelfde leerlingen worden beknot. Leerkrachten doen weliswaar hun best om niet in deze val te trappen, maar het is utopisch te denken dat dit vaak onzichtbare en onbewuste culturele waardenkader zomaar kan worden afgeschud bij het lesgeven en evalueren. Heel wat onderzoekers zien in dit fenomeen dan ook een mogelijke verklaring voor de duidelijke tendens tot grotere schoolse vertraging, grotere schooluitval en lagere scholingsgraad bij jongens.

“Onderwijs moet kinderen en jongeren voorbereiden op de complexe werkelijkheid van het volwassen leven”, zegt Vandenberghe. “Dat betekent dat we onze leerlingen geen dienst bewijzen door hen gedurende hun hele schoolloopbaan te blijven begeleiden vanuit één welbepaalde invalshoek. Als we er niet voor zorgen dat het lerarenkorps een goeie afspiegeling is van de samenleving zelf, doen we onze kinderen simpelweg tekort.”

 Ons huidig lerarenkorps is gewoonweg te uniform, eenheidsworst als het ware: vrouwelijk, blank en middenklasse. “We mogen deze hele discussie dan ook in één adem doortrekken om te pleiten voor meer leerkrachten met een migratieachtergrond voor de klas”, aldus Vandenberghe. “Meer evenwicht zou trouwens ook de leraren zelf ten goede komen. Een werkvloer met een mix van mannen en vrouwen blijkt een beter functionerende werkomgeving te zijn, die onder andere tot grotere jobtevredenheid en minder conflicten leidt.

Jammer genoeg is er nog niet meteen een kentering in zicht. De instroom aan kandidaat-leraars in de hogescholen is van die aard dat de huidige trends behouden blijven. Vlaanderen zal dan ook zelf veel meer inspanningen moeten leveren om het beroep van leerkracht opnieuw aantrekkelijk te maken voor brede lagen van de bevolking en ondertussen actief moeten inzetten op de rekrutering van een meer divers lerarenkorps.”