De cijfers zijn onthutsend: in 2014 zijn meer dan 3.400 mannen, vrouwen en kinderen omgekomen of vermist geraakt in de Middellandse Zee. Afgelopen maandag nog verdronken 400 mensen. Dat is meer dan twee Titanics. Dit jaar alleen al zijn er 50 keer meer bootvluchtelingen verdronken dan in dezelfde periode vorig jaar. En dan moet de zomer nog komen, een periode waar traditioneel meer vluchtelingen de oversteek maken.

Ondanks deze dramatische cijfers blijft Europa lijdzaam toezien, elke keer weer. Terwijl ze de touwtjes in handen heeft om mensenlevens te redden. “De EU besteedde in de periode 2007-2013 700 miljoen euro aan de harmonisatie van het Europees asielbeleid en de verbetering van de opvang van asielzoekers. Maar tegelijkertijd stak ze 2 miljard (!) in de beveiliging van haar buitengrenzen. Het is duidelijk dat die politiek niet werkt”, zegt kamerlid Monica De Coninck. “Europa is niet menselijk, meer nog: ze jaagt mensen op zoek naar een beter leven op die manier regelrecht de dood in.”

“Hoeveel doden moeten er nog vallen vooraleer dit drama bovenaan de Europese politieke agenda staat? Mensenlevens redden moet toch de absolute prioriteit zijn van een welvarende regio als de EU? Europa moet van haar solidariteit een werkbaar systeem maken. Daarom is er dringend nood aan een gemeenschappelijk asielbeleid die naam waardig. Het mag niet langer dat schaamlapje zijn waarmee we ons geweten sussen.”

“Door gebrek aan harmonisatie is er een zeer ongelijke spreiding van migranten over de lidstaten. Omdat coördinatie ontbreekt, komt er van hervestiging van vluchtelingen weinig in huis. Zo laten we Italië en Griekenland aan hun lot over. Europa hermetisch afsluiten of muren optrekken kan nooit een oplossing zijn voor mensen die ten einde raad zijn. Zij die de oversteek wagen, doen dat omdat ze geen andere uitweg meer zien. Ze geven zelfs hun leven om door die muren te raken.”

De Coninck vraagt dat ons land de handschoen opneemt om mensenlevens te redden. “Dat betekent dat we de EU eerst en vooral moeten aanzetten om werk te maken van doeltreffende opsporings- en reddingsoperaties op de Middellandse Zee. Dat betekent ook dat we mensensmokkelaars fors aanpakken en vervolgen. Bovendien moeten we in staat zijn om veilige en legale routes te bieden voor mensen op de vlucht. Alles wat we nu al kunnen doen om levens te redden, moeten we doen. En op dit moment doen we dat gewoonweg niet.”