Ook al had PS-voorzitter Elio Di Rupo vorige week een grote bos rode rozen mee voor Caroline Gennez, de sp.a-voorzitter ter plaatse verleiden kon hij niet. Gennez is niet zomaar bereid om mee te stappen in de federale regering.

Daarmee sloot zij een periode af van intern debat en externe vrijage: zou sp.a, de partij die voor de verkiezingen zo graag 'in het midden van het bed lag', nu niet vallen voor de eerste de beste latinovrijage? Neen dus. Want hoewel het vorige week een paar keer anders in de pers was gekomen stond de galerij sp.a-wijzen niet zomaar te springen om mee in de regering te stappen. Wel onder ernstige voorwaarden - en dat is inderdaad een koerswijziging vergeleken met de knock-outmaandag ná de verkiezingen, toen oppositie de enige uitweg leek.

Maar tot dusver vond geen enkel kopstuk dat er een ernstig aanbod was. Niet ex-voorzitter Vande Lanotte, niet ex-ex-voorzitter Stevaert, niet Vlaamse viceminister-president Vandenbroucke. Die laatste had intern vooraf wel gewaarschuwd dat sp.a zich niet in een positie mocht manoeuvreren waarin de Vlaamse socialisten in de oppositie zich nog een beetje gauchistischer zouden moeten opstellen dan PS in de meerderheid, maar zo'n extreme positie is niet nodig. Iedereen voert vandaag zo'n beetje oppositie tegen iedereen: Flahaut versus De Crem, Tobback versus Dupont, het ACV versus het begrotingsbeleid en dus versus Leterme, enzovoort.

En dus zit Gennez zonder al te veel directe problemen een oppositiepartij voor. Ondanks haar reputatie is ze niet echt de bruid die niemand ziet staan. Ten eerste omdat niemand haar ten dans vraagt. Ondanks verklaringen van Di Rupo en ook eventjes Reynders hebben de Vlaamse socialisten nog altijd géén uitnodiging ontvangen om samen te feesten.

En ondanks gebrek aan serieuze minnaars is Gennez allesbehalve een muurbloempje. Binnen de socialistische beweging/zuil wint ze elke week aan populariteit. Dat was aanvankelijk geen eenvoudige klus. Gennez wist dat haar verkiezing als sp.a-voorzitter niet het minst problematische was voor haar partij van de laatste jaren. Maar ze hoeft ook niet te panikeren.

Neem bijvoorbeeld 'Verkoren maandag'. Dat (West-)Vlaamse gezegde is een begrip bij de textielarbeiders, die op de eerste vrije dag na Nieuwjaar hun traditionele feest vieren. Begin januari bevond Gennez zich dus in Ruien, in de verste Zuid-Vlaamse uithoeken, niet ver van de taalgrens en midden in de streek van de textielindustrie. De zaal zat afgeladen vol met arbeiders: mannen (vooral) die vaak al sinds hun vijftiende aan weefgetouw en ander gerief staan, en zich de voorbije jaren absoluut niet konden vinden in het discours van de nieuwe sp.a. Dat ze nog langer zouden moeten werken, dat hun brugpensioen een onverantwoorde luxe was, enzovoort.

Wie het portret van Gennez leest in de Vlaamse pers zou verwachten dat zij die visie verder zou uitbouwen. Gennez heet namelijk 'een babe': een niet onknappe vrouwelijke politica en bijgevolg verdacht van een teveel aan ronding en een tekort aan hersens.

Geheel tegen die reputatie in bleek Gennez meer workingclassherogehalte te tonen dan veel van haar partijgenoten. Ook al zat het zaaltje in Ruien afgeladen vol, al was de spanning haast fysiek voelbaar bij de sprekers, Gennez stak een discours af dat niet slechter was dan het gemiddelde interview op De zevende dag, maar dat voor de verzamelde ABVV'ers te Ruien een verademing betekende: zo verstaanbaar hadden zij een sp.a-kopstuk nog nooit gehoord, zo nabij hadden zij een politieke BV maar zelden mogen meemaken. Maar wat men ook van haar vindt, een klassieke babe, zo'n dame met hoog P-Magazine-gehalte, zou nooit zo snel en zo definitief overtuigend kunnen zijn als Caroline Gennez voor die zaal vol Oost- en West-Vlaamse textielarbeiders.

Het is slechts één anekdote, maar er zullen tientallen voorbeelden zijn waarop Caroline Gennez haar street credibility probeert op te bouwen. Ze lijkt dat te doen, tenminste voor de eigen achterban. Gennez is niet aan haar proefstuk toe. In niet al te vanzelfsprekende omstandigheden schopte ze het als jong broekje in Sint-Truiden tot schepen, en nadien realiseerde ze in Mechelen wat bij haar aankomst daar een mission impossible leek: het breken van de gloednieuwe meerderheid, zonder socialisten erin.

Gennezke, zeggen ze dan, een beetje meewarig, een beetje machistisch, een beetje compassieus, een beetje beschermend en steunend, een beetje betweterig ook. Maar intussen vestigt dat 'Gennezke' haar plaats wel. Dat de sp.a aan de zijlijn afwacht, is uiteindelijk háár optie. Die wordt door velen gedeeld, maar iemand moest de knoop doorhakken, en eenmaal de beslissing genomen, die ook gestand doen. Gennez deed dat.

En dus laten de andere kopstukken haar voorzitter zijn. Ex-ministers en bekende namen nemen dezer dagen tijd om de batterijen op te laden, om te lezen, te discussiëren, om allerlei mensen te zien, noem maar op. Want ook zonder het licht van de camera's valt er veel nuttig politiek werk te doen. Senator Marleen Temmerman heeft meer dan driehonderd gespreksavonden af te dweilen, Christine Van Broeckhoven werkt ook een agenda af die parallel loopt met het klassieke Wetstraatspel. Dat is prima, vinden ze bij sp.a, want er is dringend behoefte aan politici die meer contact hebben met de sp.a-basis.

Dat wordt trouwens ook het thema van de eerste Grote Speech die Gennez plant. Begin maart moet die plaatsvinden, voor de vergadering van de verzamelde 'voorzitters en secretarissen', zoals dat heet: de organisatorische ruggengraat van de Vlaamse socialisten, de diehards, de laatste carré rond de voorzitter, indien nodig.

Gennez zal twee punten naar voren schuiven. Eén: dat de partij enige emotionaliteit mag uitstralen. Dat hoeft niet te glad te zijn, te televisieachtig. Alhoewel iedereen er inmiddels mee kan leven dat Anissa Temsamani zal pogen te schitteren in Sterren op de dansvloer. Vergeet de naijver tussen (Mechelse) socialistische vrouwen: elke stem die sp.a vooruithelpt, is welkom. En Temsamani zou zichzelf niet zijn indien ze níét innemend en overtuigend zal overkomen voor het brede Vlaamse publiek. Maar terug naar die emotionaliteit: ze hoopt vooral een 'verdomme'-gevoel op te wekken. Het moet niet alleen cerebraal juist zijn om voor sp.a te stemmen, de kiezers moeten - gevoelsmatig, 'emotioneel' - ook weten, voelen, dat een socialistische stem niet alleen nuttig is, nodig, maar ook juist en goed en rechtvaardig, en waarom niet succesvol?

Tegelijk wil Gennez de sp.a-kaders uitleggen dat de partij voldoende 'ingebed' moet zijn, 'geworteld', of welk ander nuttig werkwoord hier ook gepast is. Een socialistische partij mag de band met al die gewone mensen niet verliezen, zeker niet met potentiële kapers (kapertjes) als de nieuwe PVDA op de loer. De koerswijzigingen daar zorgen nog niet voor paniek, maar worden wel met argusogen gevolgd.

En dat alles tegen de redelijk oncomfortabele achtergrond van mogelijke verkiezingen. Zelfs indien er geen vervroegde stembusgang komt (en dat is in het sp.a-hoofdkwartier wel de werkhypothese), dan nog deint 2009 zich aan als heel moeilijk. Tot nu toe gaat het immers om een combinatie van Vlaamse en Europese verkiezingen. Zeker die laatste stembusgang baart zorgen. Zowel in 1999 (Frank Vandenbroucke als lijsttrekker) en 2004 (met Mia De Vits) was die stembusgang niet echt succesvol. Wie in de geschiedenis teruggaat, merkt dat zelfs de verkiezingen van 1994 (Freddy Willockx) en die van 1989 (Marc Galle) een sof waren: voor het laatste succes moet men al terug tot 1984, de 'Karel De Grote' (Van Miert)-verkiezingen, toen SP ineens de grootste Vlaamse partij werd, ook al omdat CVP (de Limburger Bertie Croux) en PVV (de te jonge Karel De Gucht) te kleine jongens in de strijd hadden gestuurd.

Maar in 2009 dreigt Open Vld met Verhofstadt de enige geloofwaardige kandidaat naar voren te schuiven (tenzij CD&V andermaal Dehaene zou positioneren). Maar Gennez kan zich niet geloofwaardig Europees positioneren, net zo min trouwens als Leterme dat zou kunnen, of De Wever. Dus: wie stopt Verhofstadt?

sp.a is officieel nog niet bezig met de verkiezingen, maar toch circuleren al namen. Bijvoorbeeld deze: dat Frank Vandenbroucke, als Vlaams minister van Onderwijs en Werk, bij uitstek de sp.a-politicus is die over heel Vlaanderen bekend mag zijn. Aan hem om zich te bewijzen als lijsttrekker bij de Europese Verkiezingen. Dat is voor Vandenbroucke geen comfortabel perspectief maar misschien een onvermijdelijk pad.

Hoewel. Hééél hééél officieus, klinkt het in de wandelgangen dat de enige 'Vlaamse socialist' met een serieuze Europese carrure nog altijd Karel Van Miert is. De huidige Europarlementsleden De Vits, Khadraoui en Van Lancker moeten dat niet op hun krachten nemen: Van Miert is nog altijd een klasse apart. Al wordt deze piste ook ontkend op hetzelfde moment dat ze uitgesproken wordt, want sinds Agusta is er iets gebroken tussen Van Miert en de Vlaamse socialisten in het algemeen en Frank Vandenbroucke in het bijzonder. Tegenstellingen die teruggaan tot de nacht der tijden, maar indien nodig tijdig opgelost moeten worden door een vrouw voor wie het voorzitterschap nog altijd nieuw is.

Caroline Gennez heeft, zo zeggen alle partijgenoten, op dit ogenblik geen felle tegenstand en ook geen prangende agenda. Ze heeft dus de tijd om te doen wat moet gedaan worden. En als er wat ruimte rest, ook om te zeggen wat ze graag zou willen zeggen.