De verlaging van de vennootschapsbelasting zou budgettair neutraal zijn. Anders gezegd: het zou u en ik - de samenleving - niks kosten. Maar dat gelooft vandaag niemand nog. Zelfs niet binnen de regering. Zo zeggen N-VA en Open Vld intussen openlijk dat het wel wat geld mag kosten, terwijl de begroting nu al helemaal in de soep draait (en dat zelfs zonder rekening te houden met de kost van de verlaging van de vennootschapsbelasting). De hamvraag is dan: wie profiteert van een belastingverlaging waar eigenlijk geen geld voor is? 

Het mag wat kosten

De verlaging van de vennootschapsbelasting mag wel wat kosten, verklaarde vicepremier De Croo niet zo lang geleden [1]. Luk Van Biesen  - ook Open Vld - herhaalde dat onlangs [2]. De hoofdredacteur van Trends Daan Killemaes schreef eerder al: “Laat ons wel wezen, de hervorming van de vennootschapsbelasting is in geen honderd jaar budgetneutraal.”[3] Ook professor Wim Moesen uitte bedenkingen in dezelfde zin[4]. De Inspectie Financiën raamt de kost op kruissnelheid op zowat 1,2 miljard euro [5]. Intussen hebben ook het Rekenhof en de Europese Commissie duidelijk gemaakt dat ze de berekeningen van minister Johan Van Overtveldt niet geloven. De Nationale Bank komt nog met haar inschatting, maar vast staat nu al dat ook zij zal concluderen dat de rekening niet klopt. Een belastingverlaging, dat wel. Maar voor wie dan?

Bijna helft aandelen Belgische vennootschappen is in buitenlandse handen

De vennootschapsbelasting is een bronheffing. De belastingplichtigen zijn dus de Belgische vennootschappen. De vraag is dan wie de aandeelhouders zijn van de aandelen van die Belgische vennootschappen. Dat kunnen we nagaan op basis van de statistieken van de Nationale Bank, meer bepaald uit de nationale financiële rekeningen [6]. 

We onderzoeken de verdeling van het aandeelhouderschap naar sector: Belgische gezinnen (particulieren), Belgische vennootschappen (financiële en niet-financiële), de Belgische overheid, en tot slot buitenlandse aandeelhouders [7]. Volgens de nationale financiële rekeningen van de Nationale Bank bedraagt de totale waarde van de aandelen van Belgische vennootschappen 1.612 miljard euro. Het buitenland is goed voor 46% van de totale waarde (genoteerde en niet-genoteerde Belgische aandelen). Voor beursgenoteerde aandelen is dat zelfs 68%. De gezinnen daarentegen zijn goed voor 21% van de totale waarde van de Belgische aandelen. Voor beursgenoteerde aandelen is dat amper 9%.

 

Helft aandelen in handen van 1% rijkste gezinnen

Het vermogen van de gezinnen is erg ongelijk verdeeld, veel ongelijker dan inkomen. Het meest ongelijk verdeeld zijn aandelen. Uit de financiële rekeningen van de NBB weten we dat de Belgische gezinnen Belgische beursgenoteerde aandelen hebben ter waarde van 33,4 miljard euro en 302,1 miljard aan niet-beursgenoteerde aandelen [8]. Het Centrum voor Sociaal Beleid (CSB) berekende op basis van de cijfers van de Europese Centrale Bank de verdeling van beursgenoteerde aandelen en niet-beursgenoteerde aandelen over de Belgische gezinnen (volgens de netto vermogensverdeling)[9]. Op basis van die cijfers kan een inschatting gemaakt worden van het percentage van alle Belgische aandelen die in het bezit zijn van de 1% meest vermogende gezinnen[10].  En wat zien we? Zij bezitten meer dan de helft van de Belgische aandelen. De top 5% bezit bijna 77% van die aandelen.

Naar wie stroomt het geld van de belastingverlaging?

De verdeling van de aandelen geeft een idee van de verdeling van het bedrag dat de belastingverlaging oplevert voor de aandeelhouders (en kost voor de rest van de belastingbetaler). De waarde van een aandeel weerspiegelt immers de huidige waarde van alle verwachte toekomstige dividenden. En dus de winst. Een verdeling van de totale aandeelhouderswaarde geeft in die zin ook een verdeling van de verlaging van de winstbelasting. Voor elke euro die de verlaging van de vennootschapsbelasting oplevert aan de aandeelhouders gaat bijna de helft naar buitenlandse aandeelhouders. En van de belastingverlaging die de Belgische gezinnen ten goede komt gaat de helft naar de 1% rijkste gezinnen en maar liefst 77% naar de 5% rijkste gezinnen.  

 


[1] https://www.tijd.be/politiek-economie/belgie-federaal/Hervorming-bedrijfsbelasting-mag-geld-kosten/9918185

[2] “Dit mag wat kosten. Net omdat deze hervorming, veel meer dan de taxshift, onze bedrijven en al zeker de kmo’s rechtstreeks een duw in de rug geeft.” De Morgen van 9 november 2017

[3] http://trends.knack.be/economie/beleid/de-hervorming-van-de-vennootschapsbelasting-is-in-geen-honderd-jaar-budgetneutraal/article-opinion-885975.html

[4] “Een van de voornaamste maatregelen die in het akkoord staan, is de verlaging van de vennootschapsbelasting. Die moet budgetneutraal zijn, ze mag de overheid niets kosten. De regering toont niet zwart op wit aan dat dit zo zal zijn, en ik vrees daarvoor. Bij de taxshift heeft ze ook nagelaten om vooraf hard te maken dat die budgetneutraal zou zijn. Wat ondertussen wordt betwist door de Nationale Bank en het Planbureau. Ik hou dus mijn hart vast.” In knack van 5 september 2017

[5] “Een rapport van de Inspectie van Financiën wees op een mogelijke onderfinanciering van 1,2 miljard.” http://www.standaard.be/cnt/dmf20171022_03146037

[6] Vorderingen en verplichtingen per sector

[7] Het betreft de opdeling van de waarde van de Belgische aandelen naar crediteur, op het einde van het tweede kwartaal van 2017.

[8] Financiële rekeningen 2017Q2, NBB

[9] Marx Ive en Cuypers Sarah, ‘De verdeling van de vermogens in België: een actualisering’, CSB Bericht D/2017/6104/01, juni 2017

[10] We veronderstellen dat de verdeling van buitenlandse en Belgische aandelen over de gezinnen dezelfde is.