Sinds de Tweede Wereldoorlog is onze democratie er nog nooit zo slecht aan toe geweest, vind ik. Orban in Hongarije, Erdogan in Turkije, Trump in de VS of extreemrechtse partijen die overal in Europa aan terrein winnen: de lijst is intussen te lang om er niet bij stil te staan. Opvallend daarbij is dat ze allemaal beweren te handelen in naam van de democratie. Zo zei de Turkse president dat hij de doodstraf opnieuw wil invoeren, “omdat het volk dat vraagt”. Te gek om waar te zijn? Helaas niet. Tientallen jaren hebben we gehad waarin het not done was om naar de jaren 30 te verwijzen. Noch over de uitspraken van toen, noch over de gebeurtenissen van toen. We vonden onze democratie blijkbaar té vanzelfsprekend. Ze hoefde niet verdedigd te worden.

Wel, die tijd is voorbij, want vandaag zien we daar de gevolgen van. Ja, zelfs bij ons. Zo laat de gespannen Turkse situatie zich intussen tot in Limburg en elders voelen. Daarom heb ik vanaf dag 1 luid en duidelijk gezegd dat we elke oproep tot geweld of aanzet tot verdeeldheid hard moeten aanpakken. Werkelijk in geen enkel geval zijn zulke oproepen verdedigbaar.

Het brengt me meteen bij de volgende cruciale vraag: hoe komt het toch dat de politiek het zo moeilijk heeft met wat wellicht haar belangrijkste opdracht is? Met name de fundamenten van onze democratie streng bewaken. Waarom zijn we verleerd om de grond- en mensenrechten met hand en tand te verdedigen? Het is een moeilijke vraag die wellicht te veel antwoorden kent.

In tijden van non-stop-nieuws, 7 dagen op 7, 24 uur op 24, worden politici openlijk gevraagd om liefst overal én altijd scherp en fel te zijn. Om het conflict op te zoeken, anderen aan te vallen en concurrenten te verzwakken. Of het nu op Twitter of Facebook is, op radio of televisie, de snoeiharde quote is de quote die wint. We zijn zelfs zo ver gevorderd dat leugens geen enkel probleem meer vormen om mensen te bespelen. De inhoud is van geen tel meer, gratuite uitspraken des te meer.

Behalve het conflict opzoeken én gratuite uitspraken doen om snel snel zo veel mogelijk zieltjes te winnen, zie ik nog een oorzaak die onze democratie schade toebrengt. Ik kaartte het al aan in eerdere brief: we hebben nood aan een sterk en onafhankelijk rechtssysteem, die er in alle gevallen én altijd voor zorgt dat recht geschiedt. Alleen heldere regels die voor iedereen van toepassing zijn, beschermen tegen onrechtvaardigheid. En wanneer het toch misloopt, moet het tot op het bot worden onderzocht. Wie in de fout ging, moet op de blaren zitten. Zo simpel is het. We moeten mensen weer doen geloven in de zuiverheid van het gerecht, in de zuiverheid van onze instellingen, en uiteindelijk ook in de zuiverheid van onze democratie. Dat kan alleen als we alle instrumenten die we hebben om de integriteit te verzekeren, ten volle benutten.

Misschien kunnen we inspiratie vinden bij onze gouden zevenkampster Nafi Thiam. Of meer nog bij haar mama. Terwijl ze naast dochter Nafi apetrots stond te glunderen, vertelde ze de verzamelde pers dat succes niet vanzelf komt. Dat als je iets wil, je er ook voluit moet voor gaan. Zo spendeerde Nafi uren op de trein - elke dag maar liefst 140 km - enkel en alleen om te trainen. Vele opofferingen en 21 jaar later werd olympisch goud haar beloning.

En ja, zo is het eigenlijk ook met onze democratie. Die is niet vanzelfsprekend, maar dat lijken we vergeten te zijn. Een sterke democratie vraagt inspanningen en burgers die mee denken en bouwen aan een samenleving. Als je het op straat zou vragen, is in Europa niemand tegen democratie. Maar waarom laten we dan toe dat technocraten het leven van miljoenen mensen bepalen, zoals de EU doet met het noodlijdende Griekenland? Is dat de manier om mensen weer te doen geloven in politiek en de kracht van democratie? Natuurlijk niet.

Zolang we er niet alles aan doen om de stem van mensen weer doorslaggevend te maken (en niet enkel om de 5 jaar, wanneer we ze vragen een bolletje te kleuren), zolang we hen niet opnieuw meer grip geven op hun eigen leven en op die van de samenleving, zal het een strijd met ongelijke wapens blijven. We staan voor een enorme uitdaging om onze democratie weerbaar te maken én te houden. Ik ben alvast bereid om daar elke dag opnieuw hard aan te werken. Werk jij mee met mij?

Warme groet en bedankt alvast om de tijd te nemen om mijn zomerbrieven te lezen,

Tot snel, John