De regering vindt dat het volstaat om het aantal uitgereikte verblijfsvergunningen te tellen en de capaciteit van taallessen, inburgeringstrajecten en jobbegeleiding en de bijhorende budgetten navenant uit te breiden. “Om te beginnen werken die instrumenten vandaag niet. Van alle mensen in Vlaanderen met herkomst van buiten de EU, is slechts 45 procent aan het werk”, reageert Joris Vandenbroucke. “Dat is een van de laagste percentages van Europa. Ik hoor minister Muyters graag zeggen dat de nieuwe vluchtelingen vanaf dag 1 aan het werk moeten, maar hij slaagt er niet eens in om de mensen die hier al jaren zijn aan een job te helpen. Integendeel, de regering bouwt alle instrumenten die deze groep zouden kunnen helpen systematisch af en weigert resoluut om praktijktests tegen discriminatie in te voeren.”

Ondertussen blijft het woonbeleid een grote blinde vlek in de plannen van de regering. “Ik heb minister Homans alleen nog maar horen zeggen wat ze niet gaat doen. Ook daar is het dus business as usual: erkende vuchtelingen worden aan hun lot overgelaten en zullen op zoek moeten naar een huurwoning. Alleen zien we ook daar dezelfde problemen: één vijfde van de Vlaamse huurders weigert een woning te verhuren aan mensen van allochtone origine, en een derde aan mensen met een leefloon. De helft van de huurders heeft vandaag betalingsproblemen. Hoe verwacht de regering dat het deze nieuwe groep zal vergaan op de woonmarkt? Geen woord hierover in de plannen van de regering”, aldus Joris Vandenbroucke.

“Wij vinden het heel belangrijk dat vluchtelingen snel Nederlands leren, dat hun kinderen naar school gaan en dat zo veel mogelijk mensen aan het werk kunnen”, zegt Caroline Gennez. “Dat is cruciaal om het te integreren in onze samenleving en hen toe te laten de draad van het normale leven zo goed als mogelijk weer op te nemen. Maar met de boekhoudersmentaliteit die deze Vlaamse regering aan de dag legt, gaan we er niet geraken.”

Joris Vandenbroucke en Caroline Gennez roepen de regering op om meer creativiteit te tonen en om de duizenden Vlamingen die de vluchtelingen willen helpen met concrete acties te ondersteunen.

“Daarnaast is het onwaarschijnlijk dat essentiële informatie over de samenstelling van de groep vluchtelingen nog niet is doorgestroomd naar de Vlaamse regering. Hoog tijd om de communicatie met de federale regering op punt te stellen, zodat de Vlaamse regering en de lokale overheden weten wat er op hen af komt”, besluiten Joris Vandenbroucke en Caroline Gennez.