Uit Europese cijfers blijkt nogmaals dat ons land slecht scoort qua tewerkstellingsgraad. Van al wie kan werken, zijn er nog steeds te weinig die dat effectief doen. De werkloosheid blijft dalen, maar het aantal langdurig werkzoekenden wordt nauwelijks kleiner. “We zien dat de  Vlaamse premie die werkgevers sinds 2017 krijgen als ze iemand aanwerven die langer dan twee jaar zonder werk zit, niet aanslaat. De evolutie van de jeugdwerkloosheid is nog dramatischer. De groep Vlaamse min 25 jarigen die een jaar of meer op zoek naar werk zijn lag in april van dit jaar 82,5% hoger dan in dezelfde maand van 2008 (voor uitbreken van de crisis).  De jeugdwerkloosheid in Antwerpen (23,4%) is nu zelfs hoger dan in Brussel (22,9%).”

De Vlaamse Regering heeft de loonkost voor de aanwerving van langdurig werkzoekenden drastisch verhoogd door de afschaffing van de gerichte doelgroepmaatregelen voor langdurig werkzoekenden. “Voor bepaalde langdurig werkzoekenden leidt de afschaffing  tot een  een forse loonkostenstijging tot 46%.” Zo wordt hun aanwerving afgeremd.

Tot overmaat van ramp heeft de Vlaamse Regering ook zwaar bespaard op de opleidingen die de VDAB aanbiedt voor werkzoekenden (‘begeleid leren in competentiecentra’ en werkplekleren). “Door besparingen die werden opgelegd aan de VDAB zijn er nu al 120 instructeurs minder dan in 2012. Dat zorgd er ook voor dat er 10.000 mensen minder een opleiding konden volgen.Het aantal laaggeschoolden in een opleiding daalde zelfs met een kwart in vijf jaar tijd.”

“Het is pervers om met Vlaams beleid langdurig werklozen duurder te maken (soms tot 46%) voor werkgevers, om nadien op federaal niveau de schuld in de schoenen van langdurig werklozen zelf te schuiven.”

Het tij kan enkel worden gekeerd door nieuwe doelgroepenkortingen in te voeren en opnieuw te investeren in VDAB-opleidingen.