De gemeente Boom heeft sinds weken geen gemeentebestuur meer dat zich kan beroepen op de meer­derheid van de gemeenteraadsleden. Op de gemeenteraad van 19 oktober kondigden vier N-VA-raadsleden aan, om voortaan als onafhankelijke te zetelen waardoor de meerderheid van N-VA, CD&V en Open VLD (voor­heen 13 van de 25 zetels) nog maar beschikt over 9 zetels.

Hoe kon het zo ver komen?

BOOM één klaagt al jaren aan dat het College van Burgemeester en Schepenen de zittingen van de gemeenteraad

beschouwt als een noodzakelijk kwaad, een formaliteit die moet gepasseerd worden. Belangrijke dossiers werden ten allen prijze niét op de raad besproken en via allerlei slinkse procedures beslist in het College of in allerlei achterkamertjes.

De gemeenteraad kon ook amper haar controletaak uitvoeren of een open discussie voeren. Informatie werd tot een strikt minimum beperkt en kritische vragen werden zeer laat of zelfs nooit beantwoord.

Het Autonoom Gemeentebedrijf (AGB) en GoedWonen.Rupelstreek, twee van de belangrijkste beleidsbepalende organi­saties in onze gemeente, werden in deze bestuursperiode vooral gebruikt om beslissingen door te drukken die het College liever niet te publiek besprak in de gemeenteraad. Daardoor kon er binnen deze organisaties één en ander grondig mis lopen, zonder democratische controle.

BOOM één wil over een aantal concrete dossiers, belangrijk voor de Bomenaars een ernstig debat, los van de (on)wil van het College om hierover het gesprek aan te gaan. De veel te hoge kinderarmoede, het talmen met de invoering van fietsstraten, de pijnlijke mislukkingen met vastgoed in het centrum van Boom, de mogelijke heropening van het openluchtzwembad, belangrijke beslissingen over overkappingen allerhande, of … de herlocatie van de bibliotheek, de trage voortgang van het jeugdhuis in de Sint Anna-kapel, de aanwending van (bijkomende) TML-middelen, zijn zaken die in de gemeenteraad dringend en noodzakelijk moeten uitgeklaard worden.

Burgemeester Jeroen Baert (N-VA), momenteel voorzitter van de gemeenteraad, zou nog altijd best de eer aan zich­zelf houden en in het belang van het goed bestuur van de gemeente zijn voorzitterschap van de gemeenteraad ter beschik­king stellen. Hij is trouwens in de afgelo­pen jaren in weinige dossiers de ‘verbin­dende’ figuur geweest, integendeel zelfs. Zo kan hij zich voortaan concentreren op het debat dat hij met zijn gehavende meer­derheid dient te voeren, met de ‘oppositie’.

Het College van Burgemeester en Schepenen moet echter blijven besturen. Zij blijven eindverantwoordelijke. Ze kunnen zich niet verstoppen achter de dissidentie in de gemeenteraad. Daarvoor werden ze al jaren door de oppositie gewaarschuwd en deze situatie hebben ze uiteindelijk zelf in de hand gewerkt.