Het besteedbaar inkomen stijgt en de spaarquote daalt. Dat kan goed nieuws zijn in een periode van laagconjunctuur. Mensen geven meer geld uit en dat kan zorgen voor een sterkere economische groei en hogere jobcreatie. In de eerste helft van 2015 leken de gezinnen volop te genieten van dit Keynesiaans elan, aangemoedigd door de lage olieprijs en de lage rente. Helaas gaat de daling van de spaarquote in België sinds de taks shift van juli 2015 naar de hogere BTW op elektriciteit en de hogere accijnzen van de taks shift en niet langer naar consumptie. Met andere woorden: mensen houden minder over op het eind van de maand door de hogere facturen van de N-VA regeringen. Meer nog: in het derde kwartaal van 2015 sparen de gezinnen niet alleen minder, ze geven zelfs minder uit door de verhoging van de BTW en de accijnzen.

Bron: NBB

 

We ontbonden de uitgaven van het besteedbaar inkomen in BTW en accijnzen en consumptie (bestedingen min indirecte belastingen). Een daling van de spaarquote is gelijk is aan de som van de toename van de indirecte belastingen en consumptie min de indirecte belastingen.
Als we kijken naar de evolutie in 2015 dan zien we dat de regering door de taks shift en de onzekerheid over de toekomst de positieve effecten van de lage olieprijs en de lage rente teniet doet. De consumptie door de gezinnen daalt.

Bron: NBB

 

Begin 2015 zorgden de lage olieprijs en de lage rente door het ECB beleid voor een lagere spaarquote en voor hogere consumptie. Maar halfweg 2015 besliste de regering een taks shift met daarin de verhoging van de BTW op elektriciteit vanaf 1 september 2015, waardoor finaal zowel de consumptie als de spaarquote daalde. Anders gezegd: de regering heeft het positieve effect van de lage olieprijs en de lagere spaarquote op de consumptie teniet gedaan door de taks shift midden 2015. We gaan dat effect nog sterker zien in het laatste kwartaal van 2015. Of de lastenverlaging vanaf 2016 dit negatieve effect zal compenseren, moet nog blijken. Opnieuw zijn er regressieve beslissingen genomen met de Turteltaks. Bovendien kan de onduidelijkheid over de financiering van de taks shift negatief wegen op de toekomstverwachtingen van de gezinnen en dus de consumptie milderen.