Van de 259.000 studenten in het Vlaamse hoger onderwijs zijn er 6.587 aan het werk om hun eigen studies, kost en inwoon te betalen. Vorig academiejaar kregen 575 van hen een beurs. Hun inkomen is zo laag dat ze recht hebben op een verlaagd inschrijvingstarief en een studietoelage. Door de vele werkuren is het voor hen moeilijk om het volledige pakket van 60 studiepunten per jaar op te nemen. Gemiddeld halen zij 46 studiepunten. Voor die punten betaalden zij 94,1 euro inschrijvingsgeld. Vanaf volgend jaar wordt dat 105 euro, ongeacht het aantal studiepunten.

“Bij de aankondiging van de hervorming van de inschrijvingsgelden stelde Crevits dat het inschrijvingsgeld voor beursstudenten niet verhoogd maar enkel geïndexeerd werd”, zegt Tine Soens. Dat blijkt dus niet te kloppen. “Voor de gemiddelde werkende beursstudent betekent deze verhoging een prijsstijging van 10 procent.”

“Wij willen deze studenten stimuleren om meer studiepunten op te nemen en sneller af te studeren”, is het antwoord van minister Crevits. Maar die redenering klopt niet zegt Vlaams Parlementslid Tine Soens. Voor deze studenten is het, net omdat ze werken, niet mogelijk om een volledig pakket studiepunten in één jaar op te nemen. De minister straft op studenten die het al moeilijk hebben nog eens extra hard.”