“De VDAB, de OCMW’s en heel wat kleinere initiatieven leveren in Limburg al jarenlang met succes enorme inspanningen om mensen aan te sporen, te begeleiden en te coachen op weg naar een job”, vindt Meryame Kitir in een gesprek met Het Belang van Limburg. “Wie daaraan twijfelt, twijfelt niet alleen aan de werkwilligheid van werklozen, maar ook aan de kwaliteit van de diensten die deze mensen ondersteunen.”

“Trouwens, wie nu werkloos is, krijgt minder naargelang de tijd vordert. Het is niet zo dat die jarenlang hetzelfde bedrag opstrijkt. Maar het is niet omdat je mensen uit de werkloosheidsstatistieken duwt, dat het maatschappelijk probleem van werkloosheid of armoede verdwijnt. Mensen komen dan op een leefloon terecht. Tenminste, als ze dat nog mogen van sommigen. Want er zijn stemmen die zeggen dat die mensen ook eerst moeten bewijzen dat ze behoeftig zijn om een leefloon te krijgen. Heb je 20 jaar lang gespaard voor je eigen huis, dan moet je dat dus eerst maar verkopen om rond te komen. Zo ver zijn we dus gekomen.”

“Voor de 44 Limburgse gemeenten alleen zouden we zo naar meer dan 10.000 leefloners gaan. Dat is een verviervoudiging en een meerkost van maar liefst 74 miljoen euro voor de OCMW’s (die dat leefloon moeten uitbetalen), waarvan de federale overheid maar voor een gedeelte tussenbeide komt. Kortom, een werkloosheidsuitkering in de tijd beperken tot twee jaar zou een financiële catastrofe zijn voor OCMW’s en gemeenten.”