Bij het lezen van een interview met de Vlaamse minister van armoedebestrijding bekropen mij een aantal gevoelens tegelijk schrijft Bart Van Malderen in een opiniestuk in De Morgen: gevoelens van verwondering ("zegt ze dit echt?") tot verontwaardiging ("dit kan ze niet menen") tot oprechte woede ("wie is Liesbeth Homans om zo iets te zeggen!"). Vooral de passages rond armoedebestrijding zijn tenenkrullend.




En van wie zijn dan de begerige vingers waaraan het geld zou zijn blijven kleven? De vingers van een netwerk van basisorganisaties die vaak gedragen worden door mensen die armoede aan de lijve ervaren hebben?

Veel emotie dus, maar laat ons bij de feiten blijven. Het lijkt intussen een vast gebruik te zijn dat elke nieuwe Vlaamse minister zijn beleid of non-beleid onderbouwt met een schop in de richting van "de socialisten". Het ontbreken van een gemeenschappelijk, wervend project van de regering Bourgeois I maakt de behoefte aan een gemeenschappelijke externe vijand duidelijk groot. Homans doet lustig mee aan die jonge traditie en haalt het armoedebeleid van de vorige Vlaamse minister onderuit alsof haar partij er niets mee te maken had.

Nochtans is niemand vergeten dat ook de partij van mevrouw Homans tijdens de vorige legislatuur in de regering zat, en wel op sleutelposten. Was minister Muyters toen niet de kribbige bewaker van de begroting in evenwicht? Was het ook niet zo dat toen zowat elke vraag tot structurele financiering van armoedebestrijding sneuvelde op het altaar van de budgettaire orthodoxie?

Dit alles heeft niet belet dat minister Lieten tientallen initiatieven ontplooid heeft, die stuk voor stuk een steen in de rivier verlegd hebben. De projecten rond buurthuizen, voedselverspilling, huiswerkbegeleiding, taalstimulering, kwalitatieve huisvesting, kinderopvang en gezinsondersteuning, knoopten stuk voor stuk aan bij de werkelijke behoeften van mensen in armoede.

Niet alleen financieel en materieel werd armoede te lijf gegaan, maar ook op gebied van welzijn, gezondheid, sociale en culturele participatie. Daarbij werd zoveel mogelijk gewerkt via lokale organisaties waar armen zelf het woord voeren.

Waarom doet Liesbeth Homans dan de giftige suggestie dat door die keuze van de vorige Vlaamse regering het geld niet bij de mensen die in armoede leven terecht kwam? Geldt ineens niet meer de stelling dat het beter is om mensen te leren vissen dan om ze een vis te geven? Wil minister Homans dan terug naar een systeem van aalmoezen en voedselbedeling? En van wie zijn dan de begerige vingers waaraan het geld zou zijn blijven kleven? De vingers van een netwerk van basisorganisaties die vaak gedragen worden door mensen die armoede aan de lijve ervaren hebben?

Die suggestie doet niet alleen de waarheid geweld aan, maar schoffeert ook al de hard werkende mensen die zich dag na dag écht inzetten om de armoede in onze regio te bestrijden. Dat Homans haar koerswijziging verkoopt als een poging om armoedebestrijding beter en efficiënter te laten verlopen, is niet erg overtuigend. Zeker als je kijkt naar het budget dat zij voortaan rechtstreeks en structureel wil besteden aan de doelgroep: 7 miljoen euro. Verdeel dit over alle Vlaamse armen en het wordt duidelijk dat minister Homans de armoede zal bestrijden met minder dan 8 euro per jaar per persoon in armoede. Dit komt neer op 2 pitta's per jaar. Als het aantal mensen in armoede stijgt, zal het pitta zonder saus worden.

Dat het aantal mensen in armoede in deze regeerperiode zal stijgen, staat trouwens in de sterren geschreven. De regering Bourgeois I verhoogt immers de facturen voor allerlei basiskosten waaraan geen enkel gezin kan ontsnappen: water, energie, kinderopvang, onderwijs, openbaar vervoer enzovoort. Voor gezinnen die de eindjes maar net aan elkaar geknoopt krijgen, is dat precies het laatste duwtje dat ze nodig hebben om de armoedegrens naderbij te zien komen.

Als minister voor armoedebestrijding heeft Homans de taak om al haar collega-ministers attent te maken op de gevolgen die hun beleid kunnen hebben op armoede. Ook in die coördinerende taak schiet minster Homans duidelijk te kort.

Maar dat zal dan wel weer de fout van de socialisten zijn.