Kort na de aankondiging van de sluiting van Ford Genk maakte de Vlaamse minister-president bekend dat er een zorgtraject zou komen voor ontslagen werknemers van Ford en de toeleveranciers die moeilijkheden zouden ondervinden bij het afbetalen van hun leningen. Joke Quintens: “Zo klonk het in Brussel maar in Limburg, op straat, klonk het helemaal anders. Verschillende werknemers kwamen me vertellen dat ze bij hun bank geen antwoord kregen en dat heel wat lokale bankiers zelfs niets van zo’n zorgtraject afwisten.”

Daarom contacteerde Joke Quintens Febelfin, de Belgische federatie van de financiële sector, om klaarheid te scheppen. “Febelfin erkende het probleem dat de informatie heel moeilijk doorstroomde naar de lokale bankiers. Ze stelden dan ook voor om nogmaals heel concreet naar de provinciale vertegenwoordigers van de banken te communiceren, zodat die ook hun lokale bankiers goed konden informeren hoe zij met de getroffen werknemers konden communiceren“, aldus Joke Quintens.

“Ik ben enorm blij dat de inspanningen om een oplossing te vinden voor de problemen van de werknemers van Ford en de toeleveranciers, eindelijk resultaat opleveren”, gaat Joke Quintens verder. “Dat mag wel na anderhalf jaar. Deze mensen zijn al zwaar getroffen door de sluiting en zij mogen niet nog eens extra in de problemen komen doordat zij hun huis of andere leningen niet meer kunnen afbetalen. Zeker niet omdat hier oplossingen voor bestaan die wel verkondigd werden maar niet in de praktijk werden gebracht. Ik hoop dat dit nu wel gebeurt. Het gaat hier tenslotte om honderden gezinnen met kinderen. Want als we hier één ding uit kunnen leren is het wel dat beslissingen die in de Wetstraat genomen worden daarom nog niet automatisch tot in de Dorpstraat doordringen.”

“Daarnaast zullen de ontslagen werknemers van Ford Genk en de toeleveranciers niet hoger worden belast op hun opzegvergoeding”, vult Kamerlid en ex-Ford Genk-werkneemster Meryame Kitir aan. “Door de overheveling van aftrekposten naar de regio's dreigde dat het geval te zullen zijn. We hebben er echter voor gezorgd dat collectieve ontslagen die voor april dit jaar zijn getekend, daar niet mee geconfronteerd worden. Dat zou niet fair zijn.”